IAA Frankfurt: Waarom Duitse autoindustrie Nederlandse hightech hard nodig heeft

De Duitse autoindustrie staat voor een grote omslag en is blij met de samenwerking met de Nederlandse hightech-industrie, vertelt Eddy van der Vorst van RAI Vereniging. Hij vertelt waarom de Nederlanders groots uitpakken tijdens de autoshow IAA in Frankfurt.

Op de grootste autoshow ter wereld, de IAA in Frankfurt (ga naar de site) van 12 tot en met 24 september, organiseert de Nederlandse automotive toeleverindustrie belangenvereniging: RAI Automotive Industry een groot Holland Hightech Paviljoen. Meer dan 30 bedrijven doen mee. “De RAI vereniging bestaat al sinds 1893. Daarmee is het de oudste mobiliteitsvereniging ter wereld”, zegt Eddy van der Vorst.

Hij loopt al meer dan 50 jaar mee in de internationale automotive-toeleverwereld. Ook heeft hij in de afgelopen 15 jaar zijn kennis en netwerk als bestuurslid ter beschikking gesteld van de belangenvereniging. Na 4 jaar voorzitterschap is hij nu nog betrokken als initiator en organisator van een aantal internationale evenementen, adviseert de nieuwe voorzitter: Jan-Maarten de Vries (Wabco International) en het huidig bestuur. Verder vertegenwoordigt hij in Brussel de Nederlandse automotive toeleverindustrie als lid van de raad van bestuur bij de Clepa, de Europese koepelorganisatie.

Dat juist de oudste mobiliteitsvereniging terechtkomt in de hal New Mobility World, waar het draait om de toekomst van mobiliteit, is niet zo vreemd, vindt Van der Vorst. “We zijn de afgelopen decennia gegroeid van een maak- naar een kennisindustrie en lopen internationaal mee in de hightech-top. Nederland weet zich wereldwijd vooral te handhaven. Niet alleen dankzij reisvaardigheid, talenkennis en communicatieve vaardigheden, maar vooral ook dankzij innovatie. Ondersteund door een goede aansluiting van de educatiesector bij de industrie.”

‘Duitse autoindustrie nog altijd koploper’

In de verandering van de auto van een mechanisch product naar een hightech voertuig, speelt de Nederlandse industrie een grote rol, aldus de autolobbyist. “Zo’n 90% van alle innovaties in de auto-industrie worden het eerst toegepast in voertuigen van de Duitse premiummerken; zij maken graag gebruik van de Hollandse hightech.”

Een opvallende uitspraak nu juist de Duitse autoindustrie wereldwijd onder vuur ligt. Veel experts stellen dat de Duitsers worden ingehaald door de Amerikanen en de Japanners. Maar daar is van der Vorst het niet mee eens. “Mijn zoon rijdt een Tesla, dus ik weet een beetje waar ik het over heb. Ondanks het prachtige design en grote bereikbaarheid, haalt het qua afwerking en techniek echt niet bij welk Duits automerk dan ook.”

Hollandse hightech tijdens de IAA in Frankfurt

De Nederlandse industrie wil met het ruim 1.000 m2 grote ‘RAI Holland Hightech paviljoen’ in de toekomsthal extra uitstralen dat de Hollanders vooroplopen in de innovatie. Van der Vorst vindt dat de Nederlandse deelnemers die koppositie absoluut waarmaken. “Denk bijvoorbeeld helemaal ‘out of te box’ zoals de helikopterauto van PAL-V. Nu ze alle luchtvaartcertificaten hebben, kunnen ze de markt op.”

Veel Nederlandse deelnemers zijn bij het grote publiek wellicht onbekend, maar spelen een grote rol in de internationale autowereld, zegt hij. “Zo is bijvoorbeeld Innolux wereldmarktleider in beeldschermen. Dat is een voormalige Philips-divisie die bijna alle automerken als klant hebben. De tijd van klokjes en wijzertjes is voorbij, alle auto’s hangen vol met beeldschermen en die worden ontwikkeld in bij Innolux in Heerlen en onder andere gefabriceerd bij hun fabriek in Taiwan.”

‘Nederlandse bedrijven staan vooraan’

Hoe dan ook moeten de Duitse autofabrikanten flink innoveren. De Nederlandse bedrijven staan in de voorste gelederen om hierbij te helpen, zegt hij. “Denk bijvoorbeeld aan Tass International, die software levert om zelfstandig rijden te simuleren. Of Tata Steel, die zeer speciale staalsoorten ontwikkelt, die onder meer bijdragen tot gewichtsreducering en de verhoging van de veiligheid bij elektrisch aangedreven auto’s. Of kijk naar Inalfa Roof Systems uit Venray. Zij zijn wereldmarktleider op het gebied van panoramadaken, zodat er meer licht in de auto komt.” Hij wijst ook op Prodrive Technologies uit Eindhoven. “Zij maken fijnstofmeters die nu al bij de eerste ‘premiumauto’s’ worden ingebouwd.”

Dit zijn slechts enkele van de vele Nederlandse deelnemers aan de IAA in Frankfurt, zegt Van der Vorst. “In onze automotivewereld heten fabrikanten die producten of modules rechtstreeks leveren, ‘first-tiers’.” Second-tier producenten leveren aan deze toeleveranciers. “In Nederland zijn dat Tata Steel, DSM en NXP. De chips van NXP zijn bijvoorbeeld erg belangrijk bij systemen voor talking traffic. Maar ook de gewichtsbesparende kunststoffen van Polyscope, lakken van AkzoNobel of de honingraatstructuren van Axxor uit Zwolle dragen bij tot zuinigere auto’s.”

Overheid promoot Nederland als testland

Van der Vorst is er vooral trots op dat naast de bedrijven ook veel Nederlandse onderwijsinstellingen en de overheid in Frankfurt meedoen. “Nederland is het eerste land met oplossingen voor ‘talking traffic’, dus dat auto’s communiceren met elkaar en met de verkeersmiddelen, maar ook overstekende voetgangers of fietsers identificeren. Een verkeerslicht herkent dan bijvoorbeeld via jouw telefoon dat jij aan komt rijden. Daardoor krijg je eerder groen licht en hoef je niet onnodig te wachten voor een zijstraat waar geen verkeer staat.”

Ook wil Nederland zich profileren als testland voor bijvoorbeeld automatisch rijden. “Dat doen we nu op een traject tussen Helmond en Eindhoven. Verder lopen we voorop in platooning, waarbij vrachtauto’s in colonne rijden en automatisch afstand houden.”

Studententeams

Vroeger was de IAA vooral een feestje van de industrie. Nu wordt het onderwijs nadrukkelijk betrokken, zegt Van der Vorst. “In ons paviljoen hebben wij tevens onderdak verleend aan studententeams van de TU’s Delft, Enschede en Eindhoven, en de hogeschool van Arnhem en Nijmegen (HAN). Zij winnen internationale wedstrijden met innovatieve brandstof-, aandrijf- en mobiliteitsoplossingen. Hierdoor worden ze klaargestoomd voor het bedrijfsleven.”

De autolobbyist wijst op de Nederlandse solarteams, die al jaren succesvol zijn bij de wereldkampioenschappen met zonneauto’s in Australië. “Verder won bijvoorbeeld het Green Team uit Twente onlangs de Shell Eco-race in Londen met een auto die 1 liter waterstof verbruikt voor 1.000 kilometer en in Helmond wordt een elektrische LeMans-raceauto gemaakt.”

Een aantal leden van het Eindhovense solarteam is na hun afstuderen onlangs commercieel gegaan, vertelt Van der Vorst. “Team Lightyear bereidt de productie voor van ’s werelds eerste commerciële zonneauto voor consumenten. En Team FAST maakt een bus die aangedreven wordt op mierenzuur. Ook team Ecomotive komt naar de IAA in Frankfurt, met Lina, een volledig recyclebare auto. De carrosserie is onder meer gemaakt van vlas.”

Duitslandnieuws