Europese CO2-uitstootnormen blijven soepel dankzij Duitse autolobby en dat biedt kansen voor Nederland

Het voorstel van de Europese Commissie om de CO2-uitstootnormen aan te scherpen, gaat velen niet ver genoeg. Critici zien daarin de hand van de sterke Duitse autolobby. Toch bieden juist deze soepele normen voor pioniers in emobility, zeggen Nederlandse ondernemers.

Minder belasting van het klimaat en tegelijkertijd het in leven houden van de Europese auto-industrie. De Europese Commissie beloofde afgelopen week veel bij het bekendmaken van scherpere uitstootregels voor auto’s. Kritiek komt zowel vanuit de autolobby als de milieuorganisaties.

Nederlandse ondernemers reageren nuchter op de plannen. De Duitse autolobby heeft weer goed werk geleverd voor de eigen industrie, zegt Edwin Bestebreurtje tegen Duitsland. Hij is penvoerder van een consortium ‘E-Mobility partners‘ van Nederlandse en Duitse bedrijven rond emobility (PIB). “Nu hebben ze alle tijd gecreëerd om verder te ontwikkelen en niet per se gelijk enorm te investeren in oplossingen voor zero-emissie. Jammer, maar het was te verwachten.”

Duitse autolobby wil voorstel versoepelen

Henk Meiborg van PIB-programma ‘e-mobiliteit van Amsterdam naar Berlijn’ ziet het voorstel uit Brussel als een compromis tussen de milieuorganisaties en de auto-industrie. “De milieuorganisaties vinden het niet genoeg, de Duitse autofabrikanten vinden het veel te veel. Wellicht reden voor Angela Merkel om net als in 2012 de telefoon te pakken om te vragen of het nog versoepeld kan worden.”

Meiborg wijst op wat dieselgate teweeg heeft gebracht. “Dat toonde vooral aan dat normen en metingen zo waren te manipuleren, dat diesel als ‘schoon’ te boek stond. Nu wordt diesel in de ban gedaan. Het is een kwestie van tijd dat de ICE-motor van de markt verdwijnt.”

Auto’s worden duurder

Opvallend aan het voorstel van de Europese Commissie is dat de meetmethode is veranderd, zegt Meiborg. “Het is dus de vraag hoe deze percentages zich verhouden tot de huidige NEDC-methode. Als deze regels ingaan, moeten alle auto’s plug-in hybride worden om aan de eisten te voldoen.”

Dat zou betekenen dat auto’s fors meer gaan kosten, zegt Meiborg. “Dubbele techniek maakt een auto duur.” Hij maakt een rekensommetje. “De accu zal tenminste 15 kWh moeten zijn om de eisen te halen en dan is de verbrandingsmotor al bijna een nutteloze extra geworden. In 2025 zal de uitstoot volgens de voorstellen circa 15% lager moeten zijn ten opzichte van de norm in 2021 van 95 gr CO2 per kilometer.”

Dat betekent 15 gram minder uitstoot, zegt hij. “Het gevolg is dat we PHEV’s (plug-in hybrid electric vehicle) zouden moeten hebben zoals de eerste Opel Ampera die 50 gram NEDC-uitstoot had. Deze auto’s zullen veel duurder zijn dan volledig elektrische auto’s en dus alleen in het hogere segment verkrijgbaar zijn. Maar wie wil ze hebben tegen 2025?”

De vraag is wat deze regels betekenen voor de toekomst van de elektrische auto. Die vraag is niet simpel te beantwoorden, zegt Henk Meiborg. Hij gaat volgende week gedetailleerder in op deze kwestie.

Goed voor Nederlandse concurrentiepositie

De regels hadden veel strenger kunnen uitvallen voor de Duitse auto-industrie. Dat dit niet is gebeurd biedt kansen voor Nederlandse ondernemers omdat de Duitsers niet worden gedwongen om extra haast te maken, zegt Bestebreurtje. “Vanuit Nederland kunnen we wél snelheid maken, met name op gebied van de Light Electric Vehicles, elektrische deelauto-activiteiten, elektrische bussen en trucks en de slimme laadinfrastructuur.”

Dat zijn terreinen die grote Duitse OEM’s open laten liggen, zegt hij. “Die gaten kunnen we de komende jaren opvullen. En dat is goed voor onze concurrentiepositie in Europa.”

Toch loert er een gevaar, zegt Bestebreurtje. “Ik hoop wel dat de belangstelling voor elektrische mobiliteit van Duitse zijde niet weer helemaal wegvalt, want we zitten als PIB-partijen nu net op het spoor dat we veel gevraagd worden op bijeenkomsten en seminars als spreker. En er komt een grote inkomende delegatie vanuit Beieren onze kant op eind november. Dat is een vervolg op het bezoek van de stadsregio’s Amsterdam en Utrecht eerder dit jaar.”

30% minder uitstoot in 2030

Hoe ziet het Europese voorstel er precies uit? Nieuwe auto’s moeten hun CO2-uitstoot voor 2025 gemiddeld met 25% hebben teruggebracht in vergelijking met 2021. De reductie moet in 2030 zijn opgelopen naar 30%. Gebeurt dat niet, dan hangt fabrikanten flinke boetes boven het hoofd. De producenten kunnen bovendien strengere controles vanuit Brussel verwachten.

Verder wil de Europese Commissie dat in 2030 zo’n 30% van de nieuwe auto’s wordt aangedreven met een elektromotor of een duurzaam alternatief daarvan. Brussel trekt 800 miljoen euro uit voor het uitbreiden van het netwerk van laadpalen in heel Europa.

Voor fabrikanten komt er een systeem om de bouw van elektrische auto’s te stimuleren. Wanneer concerns hun aandeel van auto’s met weinig uitstoot snel vergroten, kunnen ze rekenen op bonuspunten. Die gelden wanneer in 2025 15% en 2030 meer dan 30% van de verkochte auto’s emissiearm moet zijn.

De huidige regels gelden tot 2021. Dan mogen alle modellen van een fabrikant gemiddeld niet meer dan 95 gram CO2 per kilometer uitstoten. Wie dat niet haalt, moet 95 euro per gram en auto betalen. De nieuwe regels bouwen hierop voort en gelden voor de jaren 2022 tot 2030. In de toekomst worden de minderingsdoelen alleen nog in procenten uitgedrukt.

‘Ieder land vindt eigen wiel uit’

Bert Klerk van Team Formula-E ziet landen onderling worstelen met compatibiliteit en te weinig doen met elkaars learnings.

Duitslandnieuws