Maria Stratemeier – ‘voor’ in het Duits: vor, für, bevor?

Nederlands en Duits lijken vaak erg op elkaar, maar je kunt er flink mee de mist in gaan. Dan komt een Duits woord bekend voor, terwijl het iets heel anders betekent. Of je vertaalt Nederlandse uitdrukkingen letterlijk naar het Duits, wat erg komisch kan klinken in Duitse oren. Maria Stratemeier van Zakelijk Duits ontrafelt maandelijks deze 'valse vrienden' op Duitslandnieuws.

In het Nederlands is het ‘voor’. Voor zes uur moet het af zijn. Voor het raam staat een tafel. Voor mijn zus is dit cadeau. Voor haar voorstel zijn velen. Voor een gepensioneerde ziet hij er jong uit. Voor ze weg gaan zetten ze alles op slot.

Voor je het weet ga je de mist in wanneer je in het Duits spreekt.

Even ontrafelen wat ieder van die ‘voors’ precies betekent. Dan wordt ook duidelijk wat voor verschil het Duits hier maakt.

Vor

  • Voorzetsel tijd: voor, niet na

Wann? vor Jahresende, vor dem Wochenende, vor sechs Uhr, vor der Mittagspause
Als antwoord op de vraag wanneer krijgen vor, nach, in altijd de 3e naamval.

  • Voorzetsel plaats: voor, niet achter

Wo? vor dem Auto, vor dem Fenster, vor der Bibliothek, vor dem Laden
Als antwoord op de vraag waar krijgen de keuzevoorzetsels altijd de 3e naamval. (Wat betekent het wanneer er de 4e volgt op een keuzevoorzetsel? snel herhalen!)

Für

  • Voorzetsel ontvanger/profiteur: iemand krijgt wat, iemand profiteert van iets

Für wen? (ein Geschenk) für meine Schwester, (die Unterlagen) für den Chef, (die Zutaten) für das Essen.
Op für volgt altijd de 4e naamval (net als op durch, gegen, ohne, um)

  • Voorzetsel bij vaste combinaties (ook hier volgt de 4e naamval)

Für etwas sein (nicht dagegen) – Viele sind für ihren Vorschlag.
Für (~aangezien iemand of iets bij deze categorie hoort) – Für einen Rentner sieht er jung aus.

Bevor

  • Voegwoord tijd: voor (je dat doet, doe je dit). Of (je doet eerst dit) vóór (je dat doet)

Bevor sie wegfahren, schließen sie alles ab.
Man macht erst dieses, bevor man das macht.
Wir trinken Tee, bevor wir anfangen.
Tussen een hoofd- en een bijzin staat in het Duits een komma. Het voegwoord bevor staat dus aan het begin van de zin of na de komma.

Dat waren ze, de verschillende ‘voors’ in het Duits.

Maria Stratemeier geeft trainingen en advies over Zakelijk Duits aan Nederlandse ondernemers.

Meer van Maria Stratemeier op Duitslandnieuws

Lees de Duitslandnieuws nieuwsbrief »

Blijf op de hoogte van politiek en economisch nieuws uit Duitsland Schrijf je in voor de Duitslandnieuws nieuwsbrief