Kaaskoppen

Kaaskoppen – Martin de Groot: ‘Tegen een Duitse chef zeg je geen ‘ja, maar’

In Kaaskoppen delen ondernemende Nederlanders hun ervaringen met zakendoen in Duitsland. Deze week Martin de Groot, financieel directeur van P&I Personal & Informatik AG uit Wiesbaden. Als chef staat hij bovenaan de organisatie. Volgens hem moet je je zeer bewust zijn van je eigen rol en zelfs dan kan je nog de fout ingaan. "Let goed op hoe mensen op je reageren."

Kaaskoppen is de wekelijkse rubriek van Duitslandnieuws waarin ondernemende Nederlanders en Duitsers hun ervaringen over de handelsrelatie delen. We vragen hoe zij hun weg vinden over de grens.

Deze week Martin de Groot, financieel directeur van P&I Personal & Informatik AG. Het bedrijf uit Wiesbaden hoort bij de grootste softwarebedrijven van Duitsland.

Wat is P&I voor een bedrijf?

We maken software voor mkb-bedrijven om personeelszaken te regelen. Onze 16.000 klanten zitten vooral in Duitsland, Zwitserland en Oostenrijk. We hebben zo’n 400 werknemers en draaien een jaaromzet van boven de 100 miljoen euro.

Hoe word je cfo in Duitsland?

Ik heb veel internationale ervaring opgedaan, daardoor kon ik aan de slag in Duitsland. Mijn loopbaan begon bij zuivelbedrijf Campina, vervolgens werkte ik tien jaar voor Nokia, daarna bij Temenos dat software maakt voor banken. Sinds twee jaar werk ik bij P&I. De laatste vijftien jaar woon ik in Zwitserland, bij Zürich. Voor mijn werk ben ik gewend veel van huis te zijn. Als ik op maandag om half zeven de deur uit ga, ben ik voor tien uur op kantoor in Wiesbaden. Volgens mij doe je langer over het traject Amsterdam – Groningen.

Welke uitdagingen heeft P&I op dit moment?

De technische wereld verandert snel, het is een grote uitdaging om die veranderingen voor te zijn. Als softwarebedrijf moet je voortdurend tussen de 10 en 20 procent van je omzet investeren in ontwikkeling. Producten hebben maar een korte houdbaarheidsdatum en moeten steeds doorontwikkeld worden. Het verschil tussen winnen of verliezen is soms klein, dat houdt ons dag en nacht bezig. Je hebt enerzijds te maken met klanten die veel mogen eisen, tegelijkertijd duurt het soms maanden of jaren voordat iets ontwikkeld is. En dan is het ook nog eens lastig om zelf aan goed personeel te komen.

Duitsland vreest tekort vakmensen door vergrijzing, dit probleem speelt nu al bij P&I?

Je leest veel over hoge werkloosheid in Europa. Binnen de ict-wereld is het precies andersom. Het is erg lastig goede en enthousiaste softwarespecialisten te vinden. De concurrentie is hoog, goede ict’ers hebben de banen voor het oprapen. Zeker hier in de regio Frankfurt met veel bedrijven in de dienstverlenende en financiële sector.

Waarom zijn er te weinig programmeurs?

Je kunt veel oorzaken noemen. Maar het belangrijkste is dat de vraag van de sector harder groeit dan het aanbod van studenten. Ligt dat aan de opleidingen? Misschien hebben studenten ook een verkeerde perceptie. Ict’ers zijn niet allemaal rare mannetjes met dikke brillen die onder in de kelder werken. Wij hebben mooie open kantoren, dat zie je ook bij giganten als Google. Zij hebben zo’n beetje de ‘kantoortuin van Eden’ gemaakt. Software ontwikkelen is een creatief proces, dan is snelle en open communicatie erg belangrijk. Onze medewerkers moeten zich erg thuisvoelen. Wij halen afgestudeerden binnen via traineeprogramma’s en dat ze echt ‘bij de club gaan horen’.

Waarom loopt Duitsland achter bij de digitale revolutie uit bijvoorbeeld de VS?

Je zou verwachten dat in het land van softwarereus SAP ook andere grote softwarebedrijven zijn. Dat valt eigenlijk best tegen. In de Duitse ict-wereld horen we bij de top, terwijl we vergeleken met andere Duitse bedrijven niet eens zo’n hele hoge omzet draaien. De bakermat van de ict ligt in Californië. In Europa zijn we nog druk bezig met te reageren in plaats van te ageren.

Kunnen we überhaupt wel op tegen de Amerikanen?

Het spannende is wat we gaan doen met ‘Industrie 4.0′, dat machines met elkaar gaan communiceren. Hiervoor zijn in Duitsland met alle goede machinebouwers de gunstige voorwaarden aanwezig. Als Duitsland geen al te domme dingen gaat doen, kunnen ze daarin een behoorlijke rol voor zich opeisen. Maar dat zal niet vanzelf gebeuren. Je ziet dat de innovatie voor elektrische auto’s ook niet uit Duitsland komt. Het Amerikaanse Tesla loopt hier voorop. De Duitsers moeten nu wel bij het ‘internet der dingen’ deze pioniersrol naar zich toe trekken. De ontwikkelingen gaan razendsnel, dan kan je niet zitten slapen.

Hoe is het om als Nederlander in een Duitse organisatie te werken?

Ik ben door de jaren heen een globetrotter geworden. Ik kan nu makkelijker omgaan met verschillen tussen de Germaanse en Angelsaksische wereld. Je moet echt goed snappen hoe de hiërarchie in elkaar steekt, hoe de besluitvorming loopt. Dat vergt een goede voorbereiding, anders zijn er vele valkuilen om in te vallen. Tegelijkertijd leer je het meeste van een keertje flink onderuit gaan.

Noem eens een voorbeeld?

In Nederland heerst de ‘ja, maar-cultuur’. Iedereen mag z’n steentje bijdragen, ongeacht je rang. Als in Duitsland de chef een een plan presenteert, dan is daar geen discussie meer over.

Hoe kan je daar mee omgaan?

Wees heel bewust van de rol die je inneemt, of je nu chef, manager of werknemer bent. Pas dan kan je beter rekening houden met alle culturele fijngevoeligheden.

Hoe merkt u dat als chef?

Het is hier normaal om in een apart kantoortje te zitten met voor de deur een secretaresse. Zij schermt je af en je wordt geacht via haar met de buitenwereld te communiceren. Als je een afspraak wilt maken met een externe relatie leggen de assistenten de agenda’s naast elkaar. Een Nederlander pakt snel zelf nog wel eens de telefoon of schrijft een mail. Maar daarmee kan je dus echt je secretaresse beledigen, terwijl je haar alleen maar wat werk uit handen wilde nemen.

Is dat niet lastig?

In mijn tijd bij Nokia was ik betrokken bij het proces om een divisie met Siemens te fuseren. Dan krijg je te maken als ‘agile’ Fins bedrijf met een logge Duitse partner die tweemaal zo groot is. Dan kwamen we aan tafel te zitten met vier man, tegenover vijftien van Siemens. Het was lang niet altijd mogelijk om mijn counterpart bij Siemens te spreken, daar zat dan een secretaresse tussen. Dan kan je wel roepen; wat een onzin! Afschaffen die handel. Maar aan de andere kant kan je ook niet zeggen dat ze het bij Siemens zo heel verkeerd doen. Het werkt kennelijk wel.

Is het een voordeel om Nederlander te zijn?

We hebben een goede reputatie, spreken vaak onze talen. In de top van het Duitse bedrijfsleven is dat geen vanzelfsprekendheid. We zijn vaak open en toegankelijk en dat wordt echt gewaardeerd. Maar we kunnen met onze directheid ook makkelijk mensen voor het hoofd stoten. Ondanks mijn ervaring maak ik ook nog wel fouten. Let goed op hoe mensen op je reageren.

Wat kunnen Nederlanders leren van Duitsland?

De dingen werken hier gewoon. Processen zijn heel robuust en dat maakt ze ook belastbaar en betrouwbaar. Nadeel daarvan is dat het niet erg flexibel is. Tegelijkertijd moet je erg uitkijken met het over één kam scheren van Duitsland. Of je nu in Frankfurt, Hamburg, Berlijn of München bent, het lijkt wel of je in vier verschillende landen komt.

Duitslandnieuws over ondernemen in Duitsland

Lees de Duitslandnieuws nieuwsbrief »

Blijf op de hoogte van politiek en economisch nieuws uit Duitsland Schrijf je in
voor de Duitslandnieuws nieuwsbrief

Bertus Bouwman