Carsten Brzeski: Duitsers moeten leren diensten verlenen

Duitsland wordt weer wereldkampioen. Nee, voor het WK voetbal in Rusland is het nog te vroeg. Maar volgens het Duitse Ifo-instituut zal Duitsland dit jaar weer een hoger exportoverschot hebben dan China en Japan. De titel ‘wereldkampioen export’, waarop veel Duitsers bijna net zo trots zijn als op ‘wereldkampioen voetbal’, keert dan na een jaar pauze terug naar het heilige land. Veel Duitsers beseffen echter niet dat ‘wereldkampioen export’ al lang geen hoofdprijs meer is.

In de goede oude tijden was Duitsland nog een échte wereldkampioen export. Tot 2008 exporteerde het in absolute termen meer dan welk land ook. Sinds 2009 werd deze plek overgenomen door China. Omdat Duitsers zo verzot zijn op titels, zocht men snel een andere definitie en vond men de ‘exportoverschotten’. Van 2010 tot 2014 en opnieuw in 2016 kon men aan het Duitse publiek weer een wereldkampioenschap verkopen.

Nieuwe tijd

In de sport zijn grote titels vaak het begin van een nieuwe tijd. Oude vedetten beëindigen hun carrière, nieuwe talenten zijn in aantocht. Van die nieuwe tijd is in de Duitse exportsector weinig te zien. De industrie zet weliswaar in op nieuwe technologieën – Industrie 4.0 – maar die zijn doorgaans slechts een middel voor grotere kostenefficiëntie en nauwelijks voor nieuwe producten, verkoopkanalen of afzetmarkten.

Dat zal het leven van de Duitse exportindustrie de komende jaren op minstens twee manieren moeilijker maken. De langdurige stagnatie, lage olieprijzen en geopolitieke spanningen betekenen dat er vanuit de meeste Duitse afzetmarkten weinig nieuwe impulsen zullen komen.

En de internationale handel verandert structureel. Er komt een grote verschuiving, weg van de ouderwetse industriële goederen naar diensten en nieuwe technologie. Zo zullen industriële 3D-printers marktaandelen afpakken van de Duitsers. Tegelijkertijd speelt de dienstensector in de Duitse export nauwelijks een rol. Diensten maken daar nu slechts 14 procent van uit. Als de structuur van de internationale handel de komende jaren nog verder verschuift, is het afgelopen met de Duitse titeldromen.

Duitser als dienstverlener

Wil Duitsland de komende jaren blijven meedingen naar internationale economische titels, dan zijn échte veranderingen nodig. En niet enkel de al tot vervelens toe – ook door de schrijver dezes – aangehaalde investeringen. Inmiddels zijn alle infrastructuurinvesteringen sinds de Wiedervereinigung (1990) volledig versleten. Financieel en bouwtechnisch. Ook moet de Duitse industrie verder veranderen. Het gaat niet alleen meer om technologieën maken, maar ook om het inzetten en verkopen van diensten.

Duitsland heeft een echte mind change nodig: de Duitser als dienstverlener. Een hele maatschappij moet omdenken, van Macher naar Mitdenker. Anders zal Duitsland de hoofdprijzen lange tijd mislopen.

Carsten Brzeski, chef Volkswirt, ING-DiBa Frankfurt

Deze column verscheen in de Vlaamse krant De Tijd

Duitslandnieuws