Falende Berlijnse ambtenarij geldt inmiddels als folklore

Nergens in Duitsland melden ambtenaren zich zo vaak ziek als in Berlijn. Gemiddeld zijn ze maar liefst 35,5 dagen per jaar afwezig wegens ziekte, bijna net zoveel als het aantal vakantiedagen. Tegelijk wordt er nergens zo veel geklaagd over het ambtenarenapparaat als in Berlijn. Wat is er met de Berlijnse ambtenaren aan de hand?

Nergens anders in Duitsland melden ambtenaren zich zo vaak ziek als in Berlijn. Dat blijkt uit een jaarlijkse vergelijking van ziektemeldingen van overheidsmedewerkers uit heel Duitsland. Ambtenaren in de Duitse hoofdstad blijken gemiddeld 35,5 dagen per jaar ziek thuis zitten. Dat ligt veel hoger dan het landelijke gemiddelde van 19,3 dagen. De ambtenaren in Beieren melden zich met 9,9 ziektedagen het minst vaak bij de huisarts voor een briefje.

Wachten bij het Bürgeramt

Tegelijk is ook de service van de ambtenarij in de Duitse hoofdstad erg slecht. Voor Berlijners die op het Bürgeramt, het stadsdeelkantoor, moeten zijn voor nieuw paspoort, rijbewijs of het doorgeven van een adreswijziging, kan het maanden duren voordat ze een afspraak hebben. De reden? Er zijn te weinig ambtenaren om het werk aan te kunnen.

Maar volgens Martina Weinland, historicus bij het Berlijnse stadsmuseum, komt dat niet omdat de ambtenaren zo vaak ziek zijn, maar omdat er de afgelopen jaren flink is bezuinigd op het aantal medewerkers, terwijl het werk juist is toegenomen. “Daarnaast had niemand verwacht dat de hoofdstad zo snel zou groeien naar 3,5 miljoen inwoners.”

Het kan nog wel een tijdje duren voordat de lange rijen bij de stadsdeelkantoren krimpen, denkt ze. “Het is niet makkelijk om de juiste mensen te vinden die het werk kunnen uitvoeren, aangezien niet iedereen de juiste opleiding heeft. Oftewel, die mensen moeten opgeleid worden en zo duurt het nog zeker 5 jaar voordat de juiste mensen op de juiste plek zitten.”

Ouderdom

Gewone werknemers melden zich al een stuk minder vaak ziek. Een rapport van zorgverzekeraar DAK uit 2015 toont aan dat werknemers in Duitsland over gemiddeld 12 dagen per jaar thuis uitzieken. Dat is nog altijd veel meer dan het aantal ziektedagen dat werknemers in Nederland opnemen: ongeveer 7 dagen per jaar.

Een van de redenen waarom Duitsers zoveel dagen ziek gemeld zijn, kan ouderdom zijn, denkt Weinland. “Een relatief groot gedeelte van de werknemers is ouder dan 55 jaar.” Een ander groot verschil met Nederland is de regel in Duitsland dat werknemers zich moeten ziek melden bij de huisarts. Deze schrijft zonder aarzelen mensen al gauw een week ‘ziek’.

Dat Berlijn met 35,5 ziektedagen zo hoog scoort komt ook omdat het een grote stad is, denkt Weinland. “Op het platteland zullen de cijfers veel lager liggen. Al kan ik niet verklaren waarom bijvoorbeeld Hamburgers of Müncheners minder vaak ziek zijn.”

Berlijnse mentaliteit

Toch is er in Berlijn meer aan de hand, zegt Bernhard Badura, socioloog aan de universiteit in Bielefeld in de FAZ. Volgens hem heerst in de Duitse hoofdstad een cultuur van naar elkaar wijzen. “In de afgelopen 5 jaar is de coalitie SPD en CDU vooral bezig geweest met anderen de schuld geven. Berlijn moet meer verantwoordelijkheid nemen en minder verwijten maken.”

Tegelijk is er volgens de krant in Berlijn een verziekte cultuur ontstaan onder ambtenaren. Wanneer ondergeschikten worden aangesproken op bepaald gedrag, melden ze zich gerust een week ziek, waarna chefs het een volgende keer wel nalaten om kritiek te leveren. “Dat de Berlijnse ambtenarij zo faalt wordt inmiddels geaccepteerd. Zelfs de maandenlange wachttijden bij het Bürgeramt zorgt niet meer voor ophef, maar is inmiddels verworden tot een soort van folklore.”

Taken verdelen

Weinland herkent deze zogenaamde ‘Berlijnse mentaliteit’ niet. “De Berlijner zegt niet: het is een ander z’n schuld, ik kan daar niets aan doen, integendeel. Eigenlijk zijn de mensen hier heel ijverig en willen ze problemen uit de wereld te helpen.”

Volgens de historica heeft het vooral te maken met de ingewikkelde manier waarop het huidige openbare bestuur is georganiseerd. “Elke wijk heeft een eigen burgemeester en daarmee veel macht. Als de wijkburgemeester uit een ander partij komt dan de algemene burgemeester, dan kunnen de meningen verschillen en moet de senaat tussen beide komen om onafhankelijk een beslissing te nemen.”

Om het bestuur van Berlijn te verbeteren stelt ze voor om óf het algemene stadsbestuur meer macht te geven, of meer verantwoordelijkheid te schenken aan de wijken. “Het is een kwestie van goede takenverdeling.”

Benedicte Bombala