Daan Kersten: ‘Duitse industriereuzen weten Eindhoven te vinden’

Duitsland is de bakermat van het 3D-printen. Toch bestelt een grote Duitse autofabrikant een 3D-metaalprinter bij Additive Industries uit Eindhoven. Ceo Daan Kersten vertelt welke voorsprong deze regio op Duitsland heeft.

Champagne voor de 40 medewerkers van Additive Industries op een zonnige vrijdagmiddag afgelopen zomer. Een grote Duitse autofabrikant bestelde de acht meter lange productiemachine uit Eindhoven waarmee lichtgewicht metalen onderdelen 3D geautomatiseerd in serie kunnen worden geprint.

Topman Daan Kersten doet bewust geheimzinnig over wie de klant is om de rest van de markt niet wijzer te maken dan nodig. “Bovendien willen we het nog even afstemmen met de klant over wanneer we het bekend maken. Dat zal eind dit jaar gebeuren wanneer we de machine afleveren.”

Eindhoven bekend in Duitsland

Het is de derde 3D-printer die het bedrijf uit Eindhoven verkoopt aan een Duitse partij. Eerder kocht een tak van vliegtuigbouwer Airbus uit München al een printer. En dat is opvallend, want Duitsland geldt als de bakermat van 3D-printen. Toch doen deze fabrikanten zaken in Nederland.

Volgens Kersten heeft veel daarvan te maken met de regio Eindhoven waar veel hightechbedrijven kennis met elkaar delen. “In Duitsland blijft de kennis veel meer binnen de bedrijven. Nederland – en vooral de regio Eindhoven – staat bekend om zijn open innovatiecultuur.” In Nederland wordt kennis gedeeld tussen bijvoorbeeld toeleveranciers, TNO, ASML en Philips, zegt hij. “Daardoor kunnen we sneller een voorsprong opbouwen en betere machines maken. Die competentie van Eindhoven is zeker bekend in Duitsland.”

Auto’s worden steeds lichter

Juist autofabrikanten zijn op zoek naar printers zoals Additive Industries ze maakt, vertelt Kersten. “De vliegtuigindustrie was al veel langer bezig met lichtgewicht materialen.” Voor de autoindustrie is dit veel recenter pas relevant geworden, zegt hij. “Zelfrijdende auto’s kunnen steeds lichter worden omdat ze dankzij nieuwe technieken niet meer zullen botsen. En ook voor elektrisch rijden zijn lichtere materialen nodig.”

Hier kunnen 3D-printers meer betekenen dan de gebruikelijke machines en robots die autoproducenten gebruiken. “Een 3D-printer kan metalen onderdelen in een honingraatstructuur produceren. Of heel complexe structuren waarbij een kanaaltje wordt meegeprint voor bijvoorbeeld de koelvloeistoffen. Dat laatste passen we toe in machines voor chipfabrikant ASML. Voorheen moest dat achteraf geboord worden waarbij er sneller iets mis kan gaan. Dat heb je met 3D-printen niet.”

De MetalFAB1-robot. Foto: Additive Industries

De MetalFAB1-robot, een grote 3D-printer die lichtgewicht metalen onderdelen print. Foto: Additive Industries

 

Een extra voordeel van de digitale technologie is dat het productieproces eenvoudig is aan te passen, vertelt de topman. “Bij een 3D-printer maakt het in de kosten niet uit of je een enkel product print of een serie van 100 stuks. Dat is een grote vooruitgang voor fabrikanten. Je bent zo veel flexibeler.”

Warm houden

Duitse concerns bestellen niet zomaar een nieuwe machine. Ook daar heeft Additive Industries wat op gevonden. De Eindhovenaren zijn van begin af aan al heel open naar andere bedrijven toe, vertelt de mede-oprichter. “Voor we machines gingen ontwikkelen zijn we naar potentiële klanten gestapt en hebben hen gevraagd naar hun wensen. We vroegen ze wat ze anders zouden willen hebben wanneer ze helemaal opnieuw mochten beginnen. Die eerste contacten hebben we warm gehouden.”

Tijdens het ontwikkelingsproces bleef het Brabantse bedrijf steeds de specificaties met potentiële klanten delen. “Dat heeft bij velen wel het laatste duwtje gegeven. Vaak zeiden ze: jullie zijn de eersten die het zo aanpakken.”

Automatiseren

Waar Duitsland de bakermat is van het 3D-printen, kan Nederland ook zeker meepraten, zegt Kersten. “Wij zijn een heel divers 3D-printland, en we hebben een paar belangrijke spelers. Kijk naar Shapeways met kantoren in New York en Eindhoven, serviceplatform 3D Hubs en Ultimaker uit Geldermalsen.” Wel ligt in Duitsland veel meer de nadruk op industrie dan in Nederland, zegt hij.

De markt van het 3D-printen is booming, toch is de concurrentie vriendelijk voor elkaar volgens Kersten. “We zitten elkaar niet in de weg, we hebben allemaal onze eigen positie veroverd.”

Additive Industries is sinds deze zomer bezig om zich te vestigen in de Verenigde Staten. Belangrijk, want dat is de grootste markt voor 3D-printen, zegt de directeur. “De grootste bouwers zitten in Europa, de gebruikers in de VS.” De Nederlanders zijn intussen ook druk met het verbeteren van de eigen machines. “De processen moeten nog verder geautomatiseerd worden.”