Luuk Molthof: ‘Duitsland snakte erg naar een schouderklopje’

Waarom hebben de Duitsers weinig genade met die arme Grieken terwijl ze aan de andere kant toch zo in het Europese project geloven? Die vraag bracht politicoloog Luuk Molthof naar Berlijn om de rol van Duitsland in de euro te onderzoeken. Komende maand hoopt hij te promoveren.

Voor Luuk Molthof zit het er bijna op. Zijn promotieonderzoek naar de Duitse rol in de economische en monetaire unie is ingeleverd. In december hoeft hij het alleen nog maar te verdedigen. In Nederland een formaliteit, maar zo simpel wordt het niet voor hem. Omdat hij via de Royal Holloway University of London zijn onderzoek in Berlijn deed, moet hij in Londen bij de verdediging zijn examinatoren nog zien te overtuigen.

Voor zijn onderzoek analyseerde hij talloze toespraken en sprak hij met Duitse ambtenaren.

Bepalende speler

Hoe ben je bij dit onderwerp in Berlijn terecht gekomen?

Via wat omwegen. Een bachelor in Maastricht, een master in Modern Chinese Studies in Oxford en een master international relations aan de University of Warwick. Ik heb bij internationale betrekkingen altijd vooral naar China en Duitsland gekeken. Allebei rijzende sterren op het wereldtoneel. Duitsland is binnen de EU de meest bepalende speler geworden. Denk aan dossiers als de eurocrisis, Rusland, Turkije en de vluchtelingencrisis. Voor dit onderzoek vond ik het interessant om te kijken naar welke ideeën heersen bij de Duitse politieke elite.

Welke zijn dat?

Aan de ene kant was ik geïnteresseerd in het grote belang dat de Duitse elite hecht aan Europa, denk aan thema’s als economie, veiligheid en het opbouwen van de Duitse reputatie. Aan de andere kant doen zij daar concessies aan door te hameren op prijsstabiliteit.

Gaat dat samen?

Deze twee kernwaarden bepalen al heel lang en vrij continue de Duitse geldpolitiek. Het botst inderdaad af en toe, bijvoorbeeld wanneer er een keuze gemaakt moet worden over de uitbreiding van de monetaire unie. Meer landen is ‘meer integratie maar minder stabiliteit’, versus minder landen is ‘minder integratie maar meer stabiliteit’.

Hoe erg is het dat dit soms botst?

Duitsers proberen altijd een evenwicht te vinden tussen beide kernwaarden. Volgens hen is het geloof in Europa niet per definitie in conflict met een koers die georiënteerd is op stabiliteit.

Duitsland gelooft in Europa

Wat zit er achter dat sterke geloof in Europa?

Het is niet enkel de Wiedergutmachung na de Tweede Wereldoorlog. Europa is de manier voor Duitsland geweest waarop men de geschonden reputatie heeft kunnen herstellen. Onder dat motto heeft Helmut Kohl Duitsland in Europa willen inbinden. Gaandeweg is die motivatie steeds economischer geworden, Europa is ook de grootste afzetmarkt voor de Duitse industrie. Het besef van die belangen is in Duitsland heel groot. Britten zijn daar veel sceptischer en kijken meer naar de kosten en de baten.

Het draait in Duitsland toch ook wel om het nut van Europa?

Zeker, maar veel Duitsers zijn veel dieper bij Europa betrokken, met meer emotie.

Angst voor inflatie

Dan die hang naar de regels, waar komt dat vandaan?

Dat is heel erg gebaseerd op het ordoliberalisme, de Duitse variant van sociaal liberalisme. Deze stroming is door economen aan de Freiburger Schule ontwikkeld tussen de jaren dertig en vijftig.

Niet bepaald de meest rustige tijd in de Duitse geschiedenis.

Nee, het draait hier dus ook vooral om prijsstabiliteit. Men is enorm bang voor inflatie en die angst zit er enorm in gebakken.

Gebaseerd op de chaos uit de Weimar-tijd?

Ja, daarom pleiten de Duitsers ook zo voor een onafhankelijke centrale bank. Men vindt de Italiaanse voorzitter van de Europese Centrale Bank Mario Draghi om die reden ook veel te politiek. Ook speelt de Schwäbische zuinigheid mee; niet meer uitgeven dan je hebt. Voor Duitsland moet Europa een stabiliteitsunie zijn en absoluut niet de transferunie waarbij het rijke noorden garant staat voor de zuidelijke schulden. Het geloof in die stabiliteit vind je breed terug in de Duitse politiek, van de Groenen tot aan de AfD.

Grieken pasten er niet bij

Hoe werkt de botsing van die beide visies in de praktijk?

Dat zie je aan waar het nu mis gaat met de euro. Het was veel beter geweest om met een kleinere groep van gelijkgezinde landen en later te beginnen. Maar voor Duitsland was het belangrijk om te werken aan het betrouwbare imago, daarom wilde men er zo veel mogelijk landen bij hebben.

Griekenland paste er dus niet bij?

Nee. Als je een stabiliteitsunie wilt hebben, dan is het handig wanneer landen een vergelijkbare economische cultuur hebben en bijvoorbeeld een onafhankelijke centrale bank bezitten.

En toch ging Duitsland daar voor?

Ja, in Duitsland geloofde men sterk in ‘hoe meer, hoe beter’. Onder het motto van Thomas Mann dat we ‘geen Duits Europa willen, maar een Europees Duitsland’. Dat om het duistere verleden te beteugelen.

Naïef?

Ja, maar tegelijk ook niet helemaal vreemd. Voor geopolitieke kwesties heb je nu eenmaal een Europees antwoord nodig. Als enkel land begin je anders niet zoveel op dossiers als klimaat, Rusland of de vluchtelingencrisis.

Kohl stond aan de basis van de euro, hoeveel lijkt Merkel op hem?

Merkel is vooral bondskanselier in een ander tijdperk. Kohl werd minder op de vingers gekeken door de burger. Hij kon grotere stappen zetten, als hij de elite maar voor zich won. Merkel kan dat veel minder makkelijk met een kritische bevolking, het strenge Bundesverfassungsgericht en een koppige CSU. Kohl wilde Europa groot maken, Merkel moet de boel vooral bij elkaar houden.

Duitsland snakte naar schouderklopje

Je hebt gesproken met ambtenaren van het ministerie van Financiën. Hoe was dat?

Erg goed. De helft ging in op mijn verzoek om te praten. Het hielp dat ik Nederlands ben, men was erg aardig voor mij. Misschien ook wel omdat men graag de Duitse kant van de zaak wilde uitleggen. Het heeft de Duitsers erg gekwetst dat ze werden weggezet als de boeman van Europa, terwijl stiekem veel landen het eens waren met de harde lijn van de Duitsers. Het verklaart deels ook het warme welkom in Duitsland voor de vluchtelingen in de zomer van 2015. Men snakte naar positief commentaar uit de rest van de wereld, een schouderklopje.

Welke conclusie kan je trekken uit je onderzoek?

Mijn onderzoek was vrij theoretisch, ik heb vooral de clash tussen de liefde voor Europa versus het geloof in stabiliteit naast elkaar gelegd. Wat dan naar voren komt is dat in tegenstelling tot veel berichtgeving destijds Duitsland wel degelijk nog steeds voorstander is van het Europese project. Ook al was men de Grieken erg zat.

Terecht?

Het was ook erg moeilijk. Maar daarmee ga je snel voorbij aan het feit dat de euro nog bestaat en dat alle landen er nog bij zijn. Dat is te danken aan Duitsland.

Motivatie

Heeft Duitsland alles goed gedaan?

Griekenland kreeg te maken met drie zware maatregelen. Geen kwijtschelding, wel harde bezuinigingen en weinig geld om er weer bovenop te komen. Die drie dingen samen waren misschien een te zware last voor de Grieken. Er moest natuurlijk wel iets gebeuren, het kon zo niet verder. Maar het potje waarmee de Grieken weer op de been moesten worden geholpen was wel erg klein. Dat kan je ook anders oplossen.

Hoe?

De schulden zomaar wegstrepen zou wellicht een verkeerd signaal geven. Maar je kunt wel bepaalde schuldenverlichting in het vooruitzicht stellen wanneer aan voorwaarden voldaan wordt. Dat werkt motiverend.

Het is even stil rond de Grieken, zijn de problemen opgelost?

Nee, ik verwacht dat het binnenkort wel weer op de agenda staat.