Leer de Duitsers beter kennen: Dan gaan we toch tegen ze voetballen?

Doordat Nederlanders en Duitsers elkaar steeds minder in het dagelijkse leven tegenkomen, dreigen ze elkaar uit het oog te verliezen. De nieuwe honorair consul in Noord-Nederland Sieger Dijkstra wil daar iets tegen doen met een simpel plan: "we moeten tegen elkaar voetballen".

In zakelijk Noord-Nederland is Sieger Dijkstra bepaald geen onbekende. Sinds 1998 is hij de vijfde generatie die leiding gaf aan familiebedrijf Dijkstra-groep uit het Groningse Leek. Hij was één van de oprichters van de Economic Board Groningen (EBG) en kent daarmee de weg in zakelijke en bestuurlijke wereld in het noorden.

Toch was hij verrast toen hij vorig jaar gevraagd werd door de Duitse ambassadeur om honorair consul voor Duitsland in Noord-Nederland te worden. “Ik dacht altijd dat dit iets was voor mensen aan het einde van hun carrière. Maar ze zochten juist iemand die midden in het leven staat. Dat sprak me wel aan.”

Duitsland te ver weg

De werkzaamheden van een honorair consul zijn in de loop der jaren veranderd, de Duitse ambassade in Den Haag heeft de meeste consulaire taken overgenomen. Dijkstra vindt dat je er daarom zelf iets van moet maken. “Het is mijn opdracht om deuren te openen die anders gesloten bleven.”

De Groningse ondernemer doelt daarbij niet alleen op voorname deuren van moeilijk te bereiken instanties of bedrijven, het gaat hem ook om de gewone huisdeur. “Duitsland is voor ons zo dichtbij, maar tegelijk zo ver weg. We zijn buren, maar we gaan veel te weinig met elkaar om.”

Toen Dijkstra opgroeide was er automatisch meer aandacht voor Duitsland, vertelt hij. “We konden toen 2 Nederlandse en 3 Duitse zenders ontvangen. Ik keek Sesamstraat altijd in het Duits.” In de loop van de tijd is dat veranderd, volgens hem. “Duitsland was bekender, maar ook onbeminder. Nu kijken we positiever naar onze buren, maar komen we elkaar minder makkelijk tegen. Hierdoor spreken we ook niet zo vaak meer Duits.”

Voetballen en een biertje

De ondernemer wil zich daarom sterk maken om de afstand met de Duitsers te verkleinen. En daarvoor zoekt hij niet de zakelijke weg. “Ik denk dat we al heel veel kunnen goed maken door eens per jaar op amateurniveau een partijtje tegen een Duits team te voetballen. Jeugdteams en senioren, en het liefst ook andere sporten en culturele verenigingen.” En daarbij draait het wat Dijkstra betreft niet per se om de uitslag maar om de derde helft. “Een biertje samen doet veel voor de burenband.”

Voor zijn ambitieuze plan zoekt de honorair consul verschillende partijen die het plan willen steunen. “Ik kan dit niet alleen. Het zou mooi zijn als grote clubs uit de regio zoals FC Groningen en Werder Bremen hun naam hieraan willen verbinden. De fans van beide clubs hebben sowieso sympathie voor elkaar.”

Zelf leerde Dijkstra van jongs af aan Duitsland van dichtbij kennen via het familiebedrijf waarbinnen hij opgroeide. “Zo’n beetje de eerste zandbak waar in ik speelde, was een afgraving bij Oldenburg omdat ons bedrijf daar de ringweg mocht aanleggen.” Andersom woonde een Duitse projectleider geruime tijd het gezin om de hoek. “Zo raakte ik er al vroeg vertrouwd mee.”

Banen voor Noord-Nederland

Achter zijn voetbalplan gaat iets groters schuil. “Ik wil graag dat we ons meer voor elkaar interesseren.” Dat heeft volgens hem een positief effect op veel terreinen. “In het noorden hebben we een hoge werkloosheid, terwijl over de grens in Ost-Friesland er juist banen zijn. Voor veel mensen is solliciteren in Duitsland nu een brug te ver. Wanneer je elkaar beter kent, wordt die drempel lager.”

Aan de andere kant wil hij ook Duitse bedrijven die moeilijk aan personeel komen vragen om delen van hun productie naar Noord-Nederland te verplaatsen. “Dat is een mooie oplossing voor beide kanten, want het scheelt tegelijkertijd ook veel gedoe in regelgeving.”

Kloof met het platteland

De komende weken gaat Dijkstra samen met zijn voorganger op pad langs Nederlandse en Duitse counterparts. In Duitsland wil hij vooral vertellen over de kansen in Groningen, Friesland en Drenthe. “Door de aardbevingen in Groningen hebben we komende tijd veel kansen in de bouw.”

Verder ziet hij veel mogelijkheden in de energie, water, zorg, telecom, mobility en landbouw. “Noord-Nederland is ideaal voor grote Duitse bedrijven om nieuwe concepten te testen.”De ondernemer denkt daarbij aan nieuwe vormen van ouderenzorg, waar Nederland op Duitsland voorloopt. “Maar we zijn hier ook bezig met de invoering van 5G in het buitengebied, de opvolger van het 4G-netwerk voor mobiele telefoons.”

De groeiende kloof tussen het platteland en de stad speelt volgens Dijkstra hierin een grote rol. “Daar ligt echt een politieke uitdaging, zowel in Nederland als in Duitsland. Je ziet internationaal welke gevolgen het kan hebben wanneer je daar niet aan werkt.” Hij vindt dat beide landen die problemen samen te lijf moeten gaan. “Het helpt als we hierbij beter naar elkaar kijken en de krachten bundelen. We moeten hierbij veel eerder de Duitsers opzoeken.”