Problemen in de grensregio worden niet opgelost door te wachten op Berlijn en Den Haag

Landrat Matthias Groote van de Duitse Kreis Leer wil niet wachten op trage wetgeving uit Berlijn of Den Haag om de problemen in de grensregio aan te pakken. "We kunnen veel beter zelf met pilotprojecten beginnen."

Het is alweer een paar weken geleden dat de Eems Dollard Regio (EDR) haar 40-jarig bestaan vierde. Het samenwerkingsverband moet Noord-Nederland beter verbinden met een stuk van Noordoost-Duitsland. Matthias Groote was erbij. De SPD’er heeft na bijna een decennium het Europees Parlement verruild voor de hoogste bestuurlijke functie op regionaal niveau. Hij is Landrat van de Landkreis Leer.

Het was een levendige viering, zegt hij nu. “Ik heb ook veel jonge mensen ontmoet, dat is belangrijk. Want we moeten vooral naar voren durven kijken.” Hij is inmiddels ook vice-voorzitter van de EDR en komt daardoor veel in Nederland. ” Ons doel moet zijn om de grens uit de hoofden weg te krijgen en barrières weg te nemen. Dat moet soms op landelijk bestuurlijk niveau, maar we kunnen ook in de regio nog veel meer zelf aanpakken.”

Trage tankers

Groote pakt er een veel genoemd voorbeeld bij; de grensoverschrijdende arbeidsmarkt. “Iedereen weet dat het nu lastig is om vanuit het ene land in het andere te werken. Wij in Duitsland zoeken mensen in de zorg, maar maken het Nederlanders moeilijk om bij ons te komen werken doordat diploma’s niet erkend worden.”

Om de bureaucratische processen los te trekken, wil de Duitse bestuurder goed niet meer wachten op Berlijn en Den Haag, maar zelf op kleine schaal pilotprojecten op te starten. “Daarmee kunnen we de landelijke politiek laten zien dat we iets kunnen bereiken. Dat zijn grote tankers die maar langzaam zijn te keren. Daarom moeten we zelf maar gewoon beginnen.”

Groote denkt daarbij aan proefprojecten rond grensoverschrijdende inzet van bijvoorbeeld de brandweer, of culturele initiatieven. “Dan moeten ze in Den Haag en Berlijn zich maar aanpassen aan de realiteit.”

Frustratie in de regio

De grote afstand tot de bestuurlijke centra Den Haag, Hannover en Berlijn kennen ze zowel in Noord-Nederland als Ostfriesland (Duitsland). Groote laat dat zien aan de hand van de voorgenomen verbeterde spoorverbinding van Groningen naar Bremen, de zogenaamde Wunderlinie. “De plannen stammen al uit 1992, en pas nu heb ik goede hoop dat het ons gaat lukken. In Hannover en Berlijn wordt langzaam duidelijk dat het meer is dan een gewone verbinding.”

Een groot probleem daarbij is de in 2015 kapot gevaren Friesenbrücke, waardoor er geen treinverkeer meer mogelijk is tussen Groningen en Leer. Inmiddels er er een akkoord bereikt over wie de wederopbouw gaat betalen; de benodigde miljoenen komen van de deelstaat Nedersaksen en de landelijke Duitse overheid. Waarschijnlijk is de nieuwe brug niet voor 2024 af.

De kapotte brug leidt tot veel frustratie in de regio, zegt Groote. “Natuurlijk zijn we erg ongeduldig en willen we dat er snel weer treinen rijden. Het positieve effect hiervan is dat we samen praten en daardoor ook grensoverschrijdend veel overleg plaatsvindt”

Groote is bijvoorbeeld absoluut niet blij met de voorgenomen tolheffing aan Duitse zijde. “Daarin heeft Beieren zijn zin gekregen, en daar gaat onze detailhandel echt last van krijgen. Het werkt contraproductief en zal waarschijnlijk weinig opleveren. We creëren zo alleen maar extra bureaucratie. Ik hoop dat Nederland samen met andere buurlanden naar de het Europees Hof stapt.”

Nederlandse taal stimuleren in Duitsland

De Duitse politicus heeft zelf een erg goede band met Nederland. “Het voelt echt als familie en dat is niet alleen zo omdat mijn vrouw uit Nederland komt.” Groote bezoekt in zijn vrije tijd graag het buurland. “We hebben bijvoorbeeld met ons gezin Pasen gevierd in Friesland.”

De SPD’er heeft zichzelf als doel gesteld om de Nederlandse taal te leren en wil daarin ook zijn regiogenoten aansporen. “Ik wil ook Nederlandse taalles op de Duitse kinderopvang. Mijn dochter heeft nu ook Nederlands op de middelbare school, dat vind ik enorm belangrijk.” Groote heeft al een idee hoe hij zijn Nederlandse woordenschat kan uitbreiden. “Ik begin met de boekjes van Jip en Janneke.”

Duitslandnieuws