‘Naaaaaa??’

Wat je vroeger op school leerde over groeten in het Duits, blijkt in de praktijk helemaal niet te kloppen, merkte Bertus Bouwman.

Iedereen heeft vroeger bij Duitse les geleerd hoe je iemand correct begroet. We beginnen de dag met Guten Morgen. Guten Tag – mag na 11.00 uur en Guten Abend is vanaf 18.00 uur toegestaan. En wanneer het allemaal wat losser mag, dan volstaat een ‘Hallo‘. Lekker makkelijk, want dat lijkt erg op het Nederlands. Hoe simpel de theorie uit het schoolboek ook mag klinken, de praktijk blijkt een slangenkuil.

Zo moest ik een paar jaar geleden toen ik naar Berlijn verhuisde wel wennen zodra ik me onder de ‘gewone Duitsers’ mengde. Duitslandnieuws trok in bij een gedeeld kantoor en bij de koffieautomaat leer je ’s lands omgangsvormen het beste kennen.

Naaaaaa??

Naaaaaa??‘, roept een vrolijke Duitser me toe, terwijl ik een kopje koffie tap. Ik verstar en heb even geen idee hoe ik moet reageren. Mijn hersenen kraken, maar geen enkele logische optie uit de leerboeken schiet te binnen. Wat bedoelt hij, wat wil hij? Ik antwoord uit taalarmoede maar met een hakkelend ‘h-hallo‘. Hij knikte vriendelijk en liep door.

Maar ik voelde dat mijn antwoord niet klopte en dat gaat aan je knagen. Later legde een vriend me uit wat de vrolijkerd bedoelde. Het langgerekte ‘na’, waarbij de spreker soepeltjes zijn stem van laag naar hoog laat zwieren, is een afkorting van het eveneens informele ‘na, wie geht’s?‘. Een vriendelijk; ‘hoe gaat het?’.

Dat klonk logisch en toen een aantal dagen later de volgende Duitser zich bij me meldde met een opgewekt ‘naaaaaaa??‘, had ik mijn taalkundige munitie paraat. Ik vertelde dat het goed met me ging, wat ik zoal die ochtend had beleefd en vroeg hem naar zijn wedervaren. Hij keek me wat meewarig aan en vertelde vriendelijk – maar vrij kort – dat hij ook niets te klagen had.

Ik voelde direct dat ik het wéér niet goed had gedaan. Was ik te enthousiast geweest, had ik me te losjes opgesteld tegenover een leeftijdsgenoot? Ik vroeg wederom de vriend die expert is in het Duits-zijn om raad. Hij barstte in lachen uit. Je vraagt weliswaar naar iemands welzijn, maar het is echt niet de bedoeling dat je daar uitgebreid antwoord op gaat geven.” Maar hoe reageer je dan, vroeg ik bijna wanhopig. Je zegt gewoon exact hetzelfde terug, aldus de vriend.

Nog altijd voelt het ongemakkelijk wanneer ik Duitsers met gelijke munt terugbetaal. Sinds ik iedereen een halve seconde na de ‘naaa‘, direct een ‘naaa‘ terugkaats, kijkt niemand meer vreemd op. Het wordt pas echt leuk wanneer je tegelijk het ‘naaaa‘ aanheft. Dat klinkt als een sirene op de eerste maandag van de maand klokslag twaalf.

Moin

Niet dat dankzij dit diepgravende inzicht voor mij het integratieproces succesvol is afgerond. Wat doe je met Duitsers die ‘Servus‘ of zelfs ‘Grüß Gott‘ als begroeting roepen? In dit geval gaat het duidelijk om Zuid-Duitsers en die mag je als Nederlander best op z’n Noord-Duits teruggroeten. Berlijners moeten niets hebben van die Schwaben of ingezetenen uit de in hun ogen arrogante Freistaat Beieren, en vallen dan het liefst terug op hun eigen dialect.

Dat doe ik graag, want het Noord-Duitse ‘Moin‘ rolt makkelijk uit mijn mond. Bovendien schijnt het via het Plattdeutsch van het Groningse ‘moi’ af te stammen. Is dat dan een soort verbastering van ‘morgen’ en daarmee ‘goedemorgen’? Nee, vertelde iemand uit Bremen. Het komt van ‘mooi’, een mooie dag. ‘Moin‘ geldt dus de hele dag, en wie extra vriendelijk wil zijn of uit Hamburg komt, zegt ‘moin-moin‘.

Daar kan ik prima mee leven.

Tschüßi!

 

Deze column verscheen eerder in het RD.