Hoe de nieuwe directeur van Euregio de grensregio een boost wil geven

De Euregio bestaat 60 jaar. De nieuwe directeur Christoph Almering wil met de samenwerkingsorganisatie de Nederlands-Duitse grensregio een boost geven.

Het is in 2018 precies 60 jaar geleden dat de Euregio werd opgericht. Dat viert het Nederlands-Duitse gemeentelijk samenwerkingsverband vrijdagmiddag tijdens de bestuursvergadering in de Bürgerhalle in Gronau. Tijdens de bijeenkomst wordt de People-to-People-EUREGIO-prijs uitgereikt aan een project met bijzondere verdiensten op het gebied van de grensoverschrijdende samenwerking en de Nederlands-Duitse vriendschapsbetrekkingen.

Het is ook de eerste vergadering van het Algemeen Bestuur voor Christoph Almering. Hij is net voor de jaarwisseling begonnen als de nieuwe directeur-bestuurder van Euregio, het grensoverschrijdende samenwerkingsverband gelegen op de grens bij Enschede en Gronau. De organisatie werd in 1958 opgericht en bestaat uit 130 Nederlandse en Duitse gemeenten uit Twente en de Achterhoek en Nedersaksen en Noordrijn-Westfalen. In het gebied wonen zo’n 3,4 miljoen mensen, waarvan een derde aan Nederlandse zijde.

Kind van de Euregio

Waarom wilde u de nieuwe Euregio-directeur worden?

Omdat ik me echt een kind van de regio voel. Ik ben geboren en opgegroeid direct aan de grens in Ahaus. Hierdoor heb ik mijn hele leven al contacten aan beide kanten van de grens. In mijn vrije tijd zing en speel ik ook in een Duits-Nederlandse folk/country-band, we treden regelmatig op bij stadsfeesten in de regio. Met name in de Achterhoek en Twente vind je veel folkbands met een hoog niveau. Dat zie je ook terug in de uitzendingen op RTV Oost, echt toll.

U was hoofdredacteur van een economisch tijdschrift en directeur van een reclamebureau. Welk verhaal wilt u vertellen over de Euregio?

Ik wil vooral de mensen laten beseffen dat deze regio van nature bij elkaar hoort. Dat was vroeger al zo, mijn opa handelde in paarden. Dat ging niet altijd legaal, smokkel was erg belangrijk hier. Maar dat laat wel zien dat de handelswegen altijd al bestonden en dat we elkaar wisten te vinden. We hebben dezelfde mentaliteit, we herkennen elkaar. Dat gevoel wil ik graag stimuleren. De grens is geen einde, maar juist het begin om verder te groeien.

Taal is de sleutel voor de regio

De Euregio is opgericht om de grens als hindernis te verminderen. Waar heeft u zelf het meeste last van?

Persoonlijk is de grens voor mij geen hindernis meer, ik heb hele goede contacten. Wij praten nu Duits met elkaar, maar in het Nederlands zouden we ook een heel eind kunnen komen. Ik heb trouwens wel de ambitie om mijn Nederlands te verbeteren. Taal is de sleutel om deze regio vooruit te helpen. Nu het Platt als buurtaal steeds minder wordt gesproken, is het extra belangrijk om elkaars taal te leren. En er zijn natuurlijk juridische en fiscale verschillen. En verschillen in de sociale verzekeringssystemen.

Wat merk je daar van?

We hebben het Grenzinfopunkt opgericht om grensforenzen te adviseren bij vragen rond werken, wonen en studeren over de grens. Het is er heel druk, we hebben vorig jaar 5.000 keer advies gegeven. Nu wordt dit gefinancierd uit een tijdelijk Interreg-project. We zijn nu bezig om hier permanente financiering voor te vinden. Want dit is extreem belangrijk.

Grens is nog te vaak een glazen muur

Waarom?

De grens is nog altijd een glazen muur in de hoofden van veel mensen. Dat merk je aan de adviesgesprekken bij het Grenzinfopunkt. We hebben dagelijks werknemers en werkgevers over de vloer. Als we hen de mogelijkheid geven om de grens als hindernis weg te nemen, dan is er heel veel bereikt. En er is nog zoveel potentie. Er is dringend vraag naar vakmensen, het zou fijn zijn als Nederlanders en Duitsers makkelijker zouden kunnen instromen in het buurland en dat de erkenning van diploma’s of andere bureaucratie geen belemmering meer is. Dat moeten we overwinnen, want op heel veel andere terreinen is de grens al geen issue meer.

Vertel?

Shoppen gaat vanzelf, wij Duitsers rijden zonder na te denken naar Enschede of Winterswijk om te winkelen. En in Ahaus is de winkelstraat vol Nederlanders. Aan de andere kant is het raar als je bedenkt hoe weinig we gebruik maken van elkaars culturele aanbod. Even naar het Wilmink Theater in Enschede, of kom eens kijken wat Münster in de aanbieding heeft. Maar er gebeurt ook al veel. Wist je dat FC Twente een fanclub uit Duitsland heeft? Die komen met een speciale bus naar het stadion om een wedstrijd tegen Ajax te bekijken. Dat is spectaculair en tegelijkertijd is ook op dit terrein nog veel ‘Luft nach oben’, er is veel potentie.

Nederlanders en Duitsers vormen perfecte combi

We hebben het nu over de nadelen, heeft de grens ook mooie kanten?

Ja, zie de grens vooral niet als hindernis maar als een kans. Dat klinkt misschien als een cliché, maar Nederlanders en Duitsers kunnen elkaar op economisch terrein goed aanvullen. In Duitsland hebben we een technologische focus op industrie en automotive, Nederlanders gelden als innovatief en creatief en zijn goed in marketing. Dat is toch een perfecte combi?

Hoe gaat de Euregio dat stimuleren?

We geloven echt dat deze regio beter tot bloei komt als we meer bewust worden van de kansen en deze beter benutten. De Euregio is vooral een platform waarop deze samenwerking kan plaatsvinden. En we willen prikkels geven om de uitwisseling op gang te brengen.

Maak dat eens concreet?

We willen de netwerken beter met elkaar verbinden. Dus ondernemersorganisaties en andere partners beter met elkaar verbinden. Wij zijn geen marketingbureau, image is niet onze taak.

Euregio voor veel mensen te abstract

Enschede profileert zich nu als ‘de meest Duitse stad van Nederland’. Helpt dat?

Ik vind het geweldig. Drijvende kracht hierachter is burgemeester Onno van Veldhuizen. Ook prachtig hoe Enschede de Tolle Woche organiseert. Ik wil ook wel een ‘Leuke Week’ aan Duitse zijde. Het is een superplatform waar mensen direct met elkaar in contact staan. Als Euregio zijn we vaak te anoniem, te abstract. Mensen weten nog niet goed wat ze met ons kunnen. Dit soort acties zorgt ervoor dat we de uitwisseling tussen de regio’s heel vanzelfsprekend gaan vinden en dat het begint te leven.

Jullie zijn dan misschien te anoniem, wat gaat er achter de schermen wél goed?

Mijn voorganger heeft een super team achtergelaten van bijna 50 mensen. De verdeling tussen Nederlanders en Duitsers is ongeveer gelijk. Het werkklimaat is goed, ik zie veel elan. En dat werkt door naar alle bestuurslagen en commissies waar we contact mee hebben. We staan daar steeds meer op de radar en krijgen daar steeds meer voor elkaar. In een gebied met 3,4 miljoen inwoners is dat een enorme klus.

Echte uitwisseling

Hebben we de Euregio eigenlijk wel nodig? We zijn ook nu al toch prima buren?

Dat zou je denken. Maar juist omdat wij het platform zijn, zie je dat de uitwisseling echt plaatsvindt. Daardoor zijn we onmisbaar geworden. We zitten achter talloze projecten die ooit klein zijn begonnen en nu echt groot zijn geworden. Zonder onze steun zou dat alles niet van de grond komen. Want om te zorgen dat dit goed gebeurt, heb je heel specialistische kennis nodig. En dat hebben wij.

Hoe ziet die uitwisseling eruit?

We stimuleren miniprojecten, waar culturele clubs en bedrijven samen met partners over de grens iets opzetten. Mensen sterker bewegen dat op te zetten. Je ziet dat ook terug bij uitwisseling tussen scholen. Spreek je buurtaal. Hoe eerder je daarmee begint, hoe beter het lukt.

Burgemeesters in Berlijn hebben indruk gemaakt

De Euregio heeft als nadeel; de afstand is groot naar Den Haag, Düsseldorf, Hannover, Berlijn en Brussel: hoe krijgen jullie je zin?

Ha! Ver weg betekent dus ook dat we er middenin zitten. Ik bekijk het liever van de positieve kant. Maar dit lobbywerk is natuurlijk een groot deel van mijn taak. Ik moet op deze plekken duidelijk maken hoe belangrijk wij zijn, welke reusachtige kansen er hier liggen. Ik sta voortdurend in contact met gedeputeerden en Abgeordneten. Dat bestuurders uit de regio vorig jaar samen de trein hebben gepakt naar de Bondsdag, dat heeft veel indruk gemaakt in Berlijn. Het heeft als resultaat dat er wordt gewerkt aan het verbeteren van de treinverbinding tussen Amsterdam en Berlijn.

U komt uit Ahaus, de rising star van de CDU ook… helpt dat?

Je bedoelt Jens Spahn? Ja, hij is nu ‘in aller Munde‘. Hij is inmiddels één van de meest geciteerde politici in Duitsland. En dat is natuurlijk niet slecht voor ons. Maar we hebben ook goede banden met andere Bondsdagleden uit deze regio, zoals Daniela de Ridder uit Nedersaksen van de SPD. Zij komen echt op voor onze belangen.

En de nieuwe voorzitter van de contactgroep Tweede Kamer Duitsland is CDA’er Pieter Omtzigt uit Enschede…

Die contacten zijn erg belangrijk. Via de Euregio-raad kunnen wij vooraf bij alle fracties onze standpunten inbrengen. Of we dat nu bij de VVD of de PvdA doen, als Euregio zijn we neutraal. Wij vertellen de politici altijd dat ze samen voor hetzelfde doel strijden, dat is onze regio. En natuurlijk zijn er onderling controversen, dat is ook helemaal niet erg. Over het algemeen staan we er heel positief op, dat geeft een goed gevoel.