Hoe Nederland en Duitsland nog beter samen kunnen werken rond water

Nederland geldt wereldwijd als hét waterland. Gek genoeg zijn de Nederlanders relatief weinig actief in Duitsland. Onder leiding van netwerkorganisatie NWP wordt er hard gewerkt om de banden aan te halen, vertelt directeur Lennart Silvis.

Grote Nederlandse bedrijven zijn al jaren actief op het gebied van water in Duitsland. De kleinere ondernemers komen er minder makkelijk tussen bij de oosterburen. Ruim een jaar geleden was dat voor netwerkorganisatie Netherlands Water Partnership (NWP) een van de redenen om de handelsmissie van het koningspaar naar het oosten van Duitsland samen met het ministerie en de ambassade voor te bereiden..

NWP-directeur Lennart Silvis vertegenwoordigt met zijn organisatie 200 private en publieke partijen en vertelt wat dit bezoek op gang heeft gebracht en waar hij mogelijkheden ziet voor nog meer samenwerking.

Mee met de Koning

Wat doet de Nederlandse waterbranche nu al met Duitsland?

Alleen al omdat we rivieren delen, dus is samenwerking al heel lang belangrijk. We maken gezamenlijk afspraken over waterbeheer, de waterkwaliteit. Resultaat daarvan is bijvoorbeeld dat de zalm weer terug is in de Rijn. Verder is de bevaarbaarheid van de rivier zeer evident. We zitten in de internationale Rijncomissie voor overleg met de andere landen. En op kleinschaliger niveau zijn de waterschappen aan de grens in contact met de Duitsers. Daar begint de fysieke connectie, je hebt uitwisseling nodig tussen beide partijen over bijvoorbeeld overstromingsbeheer. Daarin leren we van elkaar.

Wat was de concrete aanleiding om vorig jaar mee te gaan met de koninklijke handelsmissie?

We wisten dat in het stroomgebied van de Elbe de afgelopen tijd veel aan de hand is geweest. Denk daarbij aan de overstroming van twee jaar geleden. Dat is een goede aanleiding om daar te laten zien wat je kunt, dan is een handelsmissie met de Koning een mooie kans om de juiste personen te treffen omdat er zo extra deuren opengaan naar mensen die hierover beslissen. Die gelegenheid moet je aangrijpen, want in je eentje lukt je dat nooit.

In Duitsland kom je er lastig tussen

Deden Nederlandse bedrijven nog niet zoveel zaken in Duitsland?

Natuurlijk zijn er al diverse bedrijven die al langer daar zaken doen. Maar er zijn redenen om ons nu extra op Duitsland te richten. Nederlanders uit de waterbranche vind je natuurlijk over de hele wereld, maar niet per se heel veel in Duitsland. Zo zijn we nu actiever in Polen omdat daar meer Europees geld beschikbaar is en omdat het lastiger te bereiken is. Verder is de Duitse adviesmarkt lastig, omdat veel onderzoek aan universiteiten wordt uitbesteed. Dan is het lastig concurreren. En je komt er lastig tussen.

Hoe komt dat?

Je moet lokale kennis hebben. Het helpt erg wanneer je een Duitse vestiging hebt. Bedrijven die op de missie Duitse collega’s mee konden nemen, hebben een voorsprong. Het helpt erg als je goed Duits spreekt. Grotere bedrijven hebben die skills wel in huis, voor kleinere partijen is dat lastiger.

Waarom is Saksen-Anhalt interessant?

Als het om waterbeheer gaat, kijken veel landen naar Nederland. Daar zijn wij op georganiseerd. Kijk naar de waterschappen en het deltaprogramma, zulke structuren zijn in andere landen minder vanzelfsprekend. Daar wil men van leren. De Elbe stroomt door verschillende deelstaten, die daar samen over moeten praten. Echte waterschappen heb je er niet. Een besluit over water loopt dus altijd via de politiek. Als een regering op dat moment meer prioriteiten geeft aan bijvoorbeeld het aanleggen van een snelweg, dan loopt het besluit over water vertraging op.

Vertrouwen opbouwen door kennis van water te delen

Mooi en aardig om kennis te delen, maar wat levert het op?

We hebben als Nederland zoveel ervaring met water dat we het ook als onze maatschappelijke taak zien om die kennis te delen. Water is een onderwerp wat groter is dan enkel ons land. Maar aan kennis delen zitten natuurlijk ook voordelen.

Vertel..

Door kennis te delen kunnen bedrijven zich goed positioneren. Door te presenteren hoe jij een bepaald probleem zou oplossen, bouw je veel vertrouwen op. Ik ben er van overtuigd dat dit cruciaal is voor het opbouwen van een relatie. Je koopt uiteindelijk alleen bij iemand die je vertrouwt. In Polen werken we al 8 jaar aan het bouwen van deze relaties. Dat komt mede door het voorwerk van de overheid en het NWP. Uiteindelijk moeten bedrijven zelf het werk doen, maar zo gaat het wel.

Tegenbezoek naar Nederland

Komt daar dan handel uit?

Dat kan je nooit in directe cijfers berekenen. Maar we weten wel dat dankzij de koninklijke handelsmissie diverse partijen zoals Deltares nu afspraken hebben staan met diverse partijen in Duitsland. Vanuit Saksen-Anhalt is er afgelopen oktober een tegenbezoek gekomen, wat wij als NWP mede mochten organiseren. Wij zorgen ervoor dat de Duitse delegatie wordt ontvangen door Nederlandse overheden, kennisinstellingen en bedrijven, en dat men goede voorbeelden te zien krijgt in het hele land.

Duitse experts krijgen uitleg bij de waterkering in Kampen, oktober 2017. Foto: NWP

Welke kansen zien de Duitsers concreet in Nederland?

Met name op het gebied van van governance tonen de Duitsers veel interesse. Maar ook bij forecasting en andere slimme oplossingen om problemen bij hoogwater te voorkomen. Wat doe je met de actuele gegevens van je waterstanden en hoe evacueer je zo efficiënt mogelijk? Daar hebben Nederlandse bedrijven goede technische oplossingen voor. Verder is er belangstelling voor concepten als ‘Ruimte voor de rivier’ en ‘Bouwen met de natuur’. Bij dat eerste project maak je letterlijk ruimte voor de rivier om bij hoogwater de schade te beperken en in het tweede plan vecht je niet tegen de natuur, maar kijk je hoe je de natuur in bouwplannen kunt integreren. Dat is machtig interessant.

Afstemmen van Nederlandse en Duitse werkwijze

Bij het tegenbezoek ging het over samenwerking rond dijken. Beide landen gaan daar anders mee om. Hoe los je zoiets op?

Onderdeel van dat bezoek was het grensoverschrijdende dijkringanalyseproject rond de Waal en Niederrhein. In dit project werken Duitse en Nederlandse overheden en marktpartijen samen om de veiligheid van de dijken(ringen) langs het Duitse en Nederlandse deel van de rivier op elkaar af te stemmen.

Dat wordt in beide landen dus anders aangepakt?

De Nederlandse en Duitse aanpak van een dergelijke afstemming blijkt flink te verschillen. Zo is bijvoorbeeld de veiligheidsnormering in Nederland 1:1.250 (wij ontwerpen dijken die maximaal eens per 1.250 jaar overstromen) en in Duitsland 1:500 (ontwerp van dijken gebaseerd op overstroming eens per 500 jaar). Ook de manier van omgaan met hoogwaterveiligheid verschilt; in Duitsland is die meer gericht op omgaan met overstroming, en in Nederland op het voorkomen van overstromingen.

Wat kunnen ze daar in Saksen-Anhalt mee?

Bij het tegenbezoek ging de delegatie uit Sachsen-Anhalt in gesprek met Duitse (deelstaat Noordrijn-Westfalen) en Nederlandse (Rijkswaterstaat, Waterschap Rivierenland en de bedrijven HKV, RoyalHaskoningDHV) betrokkenen partijen bij het grensoverschrijdende dijkringanalyseproject. Doel was om de Duitse partijen te enthousiasmeren voor de Nederlandse aanpak, en te bespreken hoe de Nederlandse aanpak in de Duitse context toegepast kan worden. Maar ook om van de Duitse aanpak te leren, waarin bijvoorbeeld veel aandacht is voor de organisatie van evacuatie en noodmaatregelen bij calamiteiten.

De ervaring van het grensoverschrijdende dijkringanalyseproject leert dat intensieve communicatie een voorwaarde is om de fundamentele verschillen in aanpak met elkaar in overeenstemming te brengen. Technische afstemming is gemakkelijk, afstemming van verschillen in cultuur en wijze van probleembenadering is uitdagender.

Duitsers onder de indruk van Nederlands participatieproces

Het Duitse bezoek was onder de indruk van de manier waarop de Nederlanders samenwerkten. Maar wat kan je daar concreet uithalen?

Bij projecten rond (hoog)waterveiligheid zijn per definitie verschillende stakeholders betrokken. Hierbij kan gedacht worden aan verschillende overheden (ministeries, Rijkswaterstaat, provincies, gemeenten), belangengroepen (natuurbescherming, toerisme, etc.) en uiteraard bewoners. Dat heb je in beide landen.

De Duitse delegatie was vooral onder de indruk van de uitgebreide wijze waarop dit proces in Nederland is ingericht, waardoor projecten vaak weliswaar langer duren maar daarna wel op ondersteuning kunnen rekenen van alle betrokkenen. Dit soort participatieprocessen waarin de belangen van alle betrokkenen met elkaar in verband worden gebracht zijn een belangrijk onderdeel bij het bereiken van het gewenste eindresultaat. In Nijmegen werd de Duitse delegatie ontvangen door de gebiedsmanager van het Ruimte voor de Waal-project. Hij vertelde op welke wijze zij de bewoners van het projectgebied heeft betrokken bij het proces, en uiteindelijk een onderdeel werden van het succes van het project. Deze rol en verantwoordelijkheid was voor de Duitse delegatie nieuw, waarvan werd aangegeven dat het ook in de context van Saksen-Anhalt een grote toegevoegde waarde kan hebben.

Samen projecten plannen

Er is een Letter of Intent getekend. Hoe gaat dit nu verder?

De Letter of Intent is getekend door het Ministerium für Umwelt, Landwirtschaft und Energie van Saksen-Anhalt, en het Nederlandse Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Hierin is vastgelegd dat voor een periode van drie jaar samenwerking wordt opgezocht op het gebied van hoogwaterveiligheid. Concreet betekent dit dat we in 2018 een gezamenlijk bezoek plannen aan Duitsland om vervolgstappen te nemen in het proces dat moet leiden tot concrete samenwerking(sprojecten). Hiermee wordt voortgebouwd op het proces dat is opgestart tijdens de handelsmissie/koninklijk bezoek in februari 2017.

Wat heeft het NWP aan de kennis- en studentenuitwisseling met de universiteit van Dresden?

De Nederlandse watersector is gebaat bij samenwerkingen met buitenlandse kennis- en onderwijsinstellingen. Door deze samenwerking kan bijvoorbeeld Nederlandse kennis en ervaring op het gebied van waterveiligheid worden gedeeld met de volgende generatie internationale waterexperts. Hiermee wordt een bijdrage geleverd aan het ook voor de toekomst veiligstellen van de positie ‘Nederland Waterland’.

Ifat in München

Het NWP staat ook op de Ifat in München, wat staat daar te gebeuren?

Dat is wereldwijd de grootste beurs rond milieutechniek, dus daar is water ook belangrijk. Er worden 100.000 bezoekers verwacht. Dat is voor Nederlandse bedrijven een goede kans om je wereldwijd te presenteren. Er komt een Netherlands paviljoen, met 14 Nederlandse bedrijven.

Welke toekomstplannen liggen er verder nog Duitsland?

We willen beter samenwerken met de grote spelers in Duitsland rond waterprojecten. Met hen kunnen we beter samen optrekken als je plannen hebt bijvoorbeeld richting landen zoals Iran.