Dat wij Nederlanders zo lekker losjes zijn is niet altijd leuk voor Duitsers

Nederlanders zijn zo lekker losjes. Heerlijk! Maar het kan ook behoorlijk irritant zijn.

Beloofd is beloofd, ik ga de komende maanden verder in op de punten uit mijn opsomming ‘Met een Duitse bril op ziet Nederland er fantastisch uit‘. Zo maakte Axel Hagedorn zich vorige week al een beetje zorgen of het nog wel leuk is in Duitsland. Natuurlijk is ook Duitsland fantastisch, maar balancerend tussen de verschillende culturen word je soms bevangen door een vlaag van Heimatliebe. Laat ik het zo zeggen, dankzij de Duitsers heb ik meer waardering gekregen voor het land waar ik ben geboren, maar dat geldt ook voor Duitsland. En dat allemaal dankzij onze cultuurverschillen. Ik begin bij; wij Nederlanders zijn zo lekker losjes.

Lekker losjes

Als Nederlanders ergens trots op zijn, dan is dat hun losheid, hun lichtheid in het bestaan. Ik ben geen cultuur- of kunsthistoricus, maar als je langs de statige schilderijen in de Berlijnse Gemäldegalerie loopt, dan springen de vrolijke huishoudens van Jan Steen er wel uit. Die losheid zat er al vroeg in, schijnbaar.

En dat is ook mooi. Als je een tijdje buiten de landsgrenzen bent, dan kan je zomaar gaan verlangen naar die losse houding. Niet altijd verkrampt verschuilen achter de regels, maar meebuigen richting een oplossing. Sinds ik in Duitsland woon merk ik dat de uitdrukking ‘het komt wel goed’, ontzettend Nederlands is. We gaan het regelen, we verzinnen wel een manier!

Losjes is niet altijd leuk

Erg leuk, maar toch snap ik de Duitsers steeds vaker dat een te losse houding behoorlijk irritant kan zijn. Dat je ondanks de afspraken toch iets anders geleverd krijgt, ‘omdat we later dachten dat dit misschien beter was’. Vasthouden aan je strategie heeft als consequentie dat je niet altijd voorop loopt, maar het voorkomt ook dat je om de zoveel jaar je hele aanpak moet omgooien.

Die losse houding wordt door Nederlanders te vaak uitgelegd als dat je ongelimiteerd slechte grappen kunt maken. Onder vrienden misschien geestig, maar de zoveelste flauwe opmerking in steenkolen-Duits komt echt niet over. Het is niet meer te tellen hoeveel Nederlanders ik ooit de opmerking heb horen maken over dat ze ‘hun fiets terug willen’ in een poging om geestig te zijn. Geen Duitser trouwens die dit snapt, en dat heeft niets met het gevoel voor humor te maken. Met een beetje meer denkkracht is de gemiddelde Nederlander waarschijnlijk best in staat om een betere grap te maken.

Om nu sussend toe te schrijven naar een polderoplossing waarin de Duitsers wat losser en de Nederlanders wat betrouwbaarder worden, lijkt me niet echt werkbaar. Het helpt al veel om te zien dat er verschillen zijn met de mooie en minder fijne kanten eraan. Of denk ik er nu weer te licht over?

Losse Nederlanders, strikte Duitsers

Losse Nederlanders, strikte Duitsers. Een achterhaald cliché of zit er echt iets in? Werkt het tegen je of kan je er juist goed mee uit de voeten?

Deel je ervaring met: redactie@duitslandnieuws.nl