Je zult tijdens het WK voetbal maar als Nederlander in Duitsland wonen

Je zult maar Nederlander zijn en in Duitsland wonen tijdens het WK voetbal. Waar wij Nederlanders dus niet bij zijn. En dat zo'n beetje dagelijks moeten horen van een grijnzende Duitser. Inclusief een goedmoedig geintje. En dat je dan geacht wordt daarbij te lachen.

Weest gerust, lachen doe ik zeker. En niet alleen als een boer met kiespijn. Nee, er zit soms heus wel een leuk grapje bij. We hebben deze hoon en spot tenslotte ook ruimschoots verdiend. De arrogantie van dat piepkleine landje dat zichzelf bij de groten ter aarde waande en er nu al op twee grote eindtoernooien niet bij is. Veel praatjes, maar niet leveren. Dan is het heel terecht dat we worden uitgelachen door met name de Duitsers in de aanloop naar dit WK voetbal.

Want wat bleven we met z’n allen hangen in de ouderwetse voetbalsystemen en aan de grote namen en daden van vroeger. Dan komt er nog zo’n oranje wijsneus bij staan die iets gaat roepen over de lelijkheid van het Duitse spel. En de volgende komt met een achterhaalde anekdote uit de jaren zeventig, en als het tegenzit haalt de derde Hollander een belegen ‘grap’ van zolder over dat ‘ie z’n fiets terug wil.

145.000 Nederlanders in Duitsland dagelijks uitgelachen

Bedenk wel even dat er minimaal 145.000 landgenoten in Duitsland wonen die deze smaad dagelijks over zich heen krijgen. En het kan nóg erger. Dat er dan een Duitser naast je komt staan, zijn arm om je schouder slaat en zegt dat ‘ie het best wel jammer vindt dat de Nederlanders er niet bij zijn. Dan doet het eventjes extra pijn. Zeker omdat we ooit zo’n grote mond hadden.

Hoofdschuddend en met weemoed vragen mijn Duitse vrienden; ‘wat hebben jullie toch uitgespookt dat jullie er weer niet bijzijn? Waren jullie soms blind dat jullie de nieuwe ontwikkelingen in het voetbal hebben gemist?’. Nee, maar we hadden wel een bondscoach die zo heette. Al kunnen we die arme man natuurlijk niet overal de schuld van geven.

Duitse supporters niet uitbundig tijdens WK voetbal

Wat ook zo treurig is, Duitsers kunnen misschien wel ontzettend goed voetballen en hebben schitterende strategische innovaties. Maar heel erg leuke fans hebben ze niet. Sorry, maar dat isso.

Zo’n beetje iedere supporter gaat hetzelfde gekleed. Uiteraard gehuld in het witte Mannschaft-Trikot, om de hals de schijnbaar door een hogere instantie verplicht gestelde zwart-rood-gouden Hawaï-ketting, want zo’n beetje iedereen draagt ‘m. En dan de kaarsrecht op de wangen geschilderde Duitse driekleur.

Na het WK in 2006 in eigen land is het wel wat uitbundiger geworden, sindsdien mogen Duitsers buiten voetbal kijken. Public viewing heet dat in nieuw-Duits. Maar heel erg gezellig is het niet. Een Nederlandse vriend zei twee jaar geleden voor de grap tijdens zo’n massabijeenkomst; als we willen kunnen we nu vanaf onze zitplaats bier bestellen bij de bar aan de overkant. Zo stil was het, en Duitsland stond toen al met 3-0 voor. Jammer, want wekelijks laten Duitsers bij het clubvoetbal zien dat ze erg creatief en fanatiek kunnen zijn.

Ook de marketingbureaus zijn saai

Waar de Nederlandse marketingbureaus vol op het orgel gaan met Wuppies, brulshirts, bierjurkjes en ga zo maar door, komen de Duitse retailers qua creativiteit niet veel verder dan voetbalplaatjes met Manuel Neuer of een poppetje van Thomas Müller. En dat terwijl er met het omvangrijke smoelwerk van Müller juist schitterende marketingcampagnes te verzinnen zijn. Ok, die ene gekopieerde grap uit Zuid-Amerika met Olli Kahn in het oranje was geinig (zie hieronder), en Karstadt had twee jaar geleden een hele leuke shirtactie. Maar kennelijk hebben de Nederlandse reclamejongens geen opdrachten weten te scoren in Duitsland, want

Toen in 2000 het Duitse voetbal in de mineur zat, hebben ze radicaal het roer omgegooid door onder meer nota bene van de Nederlandse aanpak te leren. Dat vertelde bijvoorbeeld voetbalcoach Gertjan Verbeek. Voetbaljournalist Pieter Zwart maakte zelfs uitgebreide studie van deze Duitse voetbalrevolutie. En sinds februari is Nico-Jan Hoogma directeur topvoetbal bij de KNVB. Hij was ooit de eerste Nederlander in de Bundesliga en zijn zoon speelt bij het hyperinnovatieve Hoffenheim.

Oranje krijgt dus alle kansen om te leren van het Duitse succes. En als ik het goed begrijp gunnen de Duitsers het ons nog ook dat Nederland weer terugkeert als gevreesde rivaal. Mocht dat ooit lukken, zou het dan niet aardig zijn dat de Nederlandse marketingbureaus als dank heel Duitsland trakteert op Wuppies en brulshirts?

Wie juicht er voor Duitsland?

Ik ben wel benieuwd hoe de Nederlanders er dit jaar mee omgaan. Laat je de oude rivaliteit rusten en juich je voor de Duitsers, kies je heel bewust een ander land uit, of is dit de uitgelezen kans om tot half juli op de Zuidpool te verblijven?

Laat het weten via:

  • redactie@duitslandnieuws.nl