Nederlandse windsector voor het eerst samen met een paviljoen op WindEnergy Hamburg

De Nederlandse windenergiebranche kan tijdens de vakbeurs WindEnergy Hamburg belangrijke stappen zetten. NWEA-bestuursvoorzitter Hans Timmers vertelt hoe het bedrijfsleven nog beter kan profiteren van samenwerking met Duitsland.

De grootste vakbeurs in Europa voor de windindustrie WindEnergy Hamburg wordt gehouden van dinsdag 25 tot en met vrijdag 28 september. Hier staan meer dan 1.400 exposanten en er worden meer dan 35.000 bezoekers verwacht.

Belangenvereniging voor de windbranche de Nederlandse WindEnergie Associatie (NWEA) heeft afgelopen jaar de Dutch Village opgericht om de krachten van Nederlandse bedrijven te bundelen op beurzen. De Dutch Village is te vinden in Hal 7. In totaal staan er 88 Nederlandse bedrijven en partijen in Hamburg (filteren op Niederlande)

Hans Timmers is bestuursvoorzitter van de NWEA. Hij vertelt waarom deze Duitse beurs zo belangrijk is voor zijn branche.

Nederland wil herkend worden als windland op WindEnergy Hamburg

Waarom was het oprichten van de Dutch Village nodig?

We kunnen nog veel meer uit onszelf halen door beter samen te werken. De brancheverenigingen NWEA, IRO en Netherlands Maritime Technology (NMT) bundelen hun krachten in deze Dutch Village. We scheppen hiermee een verzamelplaats voor overheden en het bedrijfsleven, we zijn een merk voor handelsmissies en staatsbezoeken. We waren te veel versnipperd en kunnen zo herkenbaarder worden in de markt. Het gaat niet zozeer om de grote jongens, we willen vooral de Nederlandse mkb’ers clusteren en Nederland op de kaart zetten als windland.

Welke Nederlanders gaan we er tegenkomen?

Heel breed; van schepen, olie en gas als toeleverancier. We trekken samen op met de ministeries. Deze stap hoort bij een sector die volwassen wordt. En NWEA verzamelt de bedrijven. We voeren als slogan; Wind Water Works, daarmee betrekken we het maritieme aspect erbij.

Nederlandse windsector moet beter communiceren

Hoe kan je daarmee beter de Duitse markt bereiken?

We moeten dus herkenbaarder zijn. We werken nu op brancheniveau samen. In Duitsland zijn de werelden van on- en offshore nog erg gescheiden. Wij moeten goed in beeld hebben wie waar zit in Duitsland. Voor velen is Duitsland nog te veel onbekend terrein. Maar we weten ook dat de Nederlandse automotive veel zaken doet in Duitsland, die rol zien we voor ons ook. De connecties liggen er al via bedrijven als Innogy, Vestas en Siemens. Maar vooral voor het mkb zijn er nog veel voordelen te halen.

Hoe kan je die voordelen benutten?

Belangrijk is om beter met elkaar te communiceren, weet van elkaar wat je kunt en waar je elkaar aanvult. Daarvoor zijn beurzen een goed platform.

Wat zijn de stappen die de komende tijd worden gezet?

De eerste en grootste stap is de beurs in Hamburg. Daarna volgt in 2019 de Husum Wind. Zaak is om ons te positioneren als grote windspeler. We hadden eind 2017 een grote beurs in Amsterdam, daar was al veel belangstelling vanuit Duitsland. Dat loopt al heel natuurlijk, dat geeft aan hoeveel potentie er is. En Duitsland is ook de brug om de hele wereld over te gaan.

Vertel?

Bedrijven worden steeds internationaler. Offshore liggen er grote klussen in Azië en andere Europese landen. En let op de Baltische Zee, daar gaat heel veel gebeuren. Maar ook New York is druk met windprojecten. Het is een beweging die wereldwijd aan het ontstaan is. Het gaat zo hard. Wat bijvoorbeeld Duitsland er in één jaar bij ontwikkelt, dat is de volledige capaciteit van Nederland. Maar uiteindelijk zal het verschil in totaal opgesteld windvermogen offshore worden gemaakt en daar is Nederlandse kennis voor nodig.

Nederland leert van koploper Duitsland

Hans Timmers. Foto: NWEA

Duitsland is sinds de Energiewende enorm bezig met windenergie. Wat kan een kleine buurman als Nederland dan nog toevoegen?

Nederland heeft slim geleerd van hoe het werkt in Duitsland. Windenergie is in Nederland veel later op gang gekomen, daarom hebben we goed kunnen kijken naar hoe Duitsland het heeft aangepakt. Wat zijn de stimulatiemechanismes die de overheid inzet? Hoe grootschalig gebeurt dat en welke rol is er weggelegd voor de burger die vlakbij de windmolen woont?

Daarbij leren we van de koplopers. Bij wind op land zie je dat Duitsland met grote tenders werkt, waar burgers veel meer de macht hebben. De procedure moet van onderop worden opgezet waarbij omwonenden zo vroeg mogelijk betrokken raken. Burgers participeren daarbij financieel en delen in de lasten en lusten.

Nederland kiest nu vooral voor wind op zee, zeker in de offshoretechniek hebben we Duitsland veel te bieden.

Wat doen Nederlandse bedrijven nu al in Duitsland?

Wij hebben 300 grote leden in de gehele supply chain. Traditioneel zijn de bedrijven die betrokken zijn bij wind op land op ons eigen land gericht. Maar bedrijven worden internationaler, wij zijn uitwisselbaar met Nederland en Duitsland. Duitse bedrijven tonen steeds meer interesse voor Nederlandse tenders voor wind op zee.

Grote Duitse partijen als EnBW en ProWind kijken naar Nederlandse bedrijven die ervaring hebben met Duitse projecten. Voor wind op land komen Duitsers naar Nederland. Maar op zee participeren veel Nederlandse bedrijven in grote Duitse projecten. Verder zijn we met een bedrijf als Tennet leading in kabeltechnologie.

Raar dat er geen lijn naar Groningen ligt

Waar liggen de kansen in Duitsland?

Een grote kans is de interconnectie tussen landen. Het inspelen op elkaars pieken en dalen. Er is bijvoorbeeld nu een Duits windpark boven Groningen, maar er ligt geen verbinding met Nederland. Dat is heel raar. Er zijn dus hele grote synergievoordelen voor de toekomst. Verder zien we toekomst in de waterstofeconomie. Er zal opslag moeten komen voor de nieuwe vormen van energie, een elektriciteit feed stock voor de industrie.

Wie kan daar wat mee?

Met name Noord-Nederland en de Nederlandse havens. Daar kunnen we een voortrekkersrol in spelen voor bijvoorbeeld Hamburg. Nederlanders en Duitsers moeten elkaar veel meer opzoeken.

Leg eens uit?

Duitsland heeft een langjarige ervaring in het onshore bouwen van windmolens en hoe je daarbij de burger betrekt. Nederland heeft de ervaring met offshore. Daarin kunnen we elkaar helpen. Ook zie je steeds meer Duitse studenten in Nederland komen om de technieken voor offshore te leren, en Nederlandse studenten gaan naar Duitsland. Dat gaat ons enorm veel synergievoordelen opleveren. En dan heb ik het nog niet eens gehad over de grote Duitse energieconcerns met Duitse dochterbedrijven in Nederland zoals RWE en Eon.

Lees het hele interview met NWEA-voorzitter Hans Timmers

Wat de Nederlandse branche voor windenergie kan inbrengen in Duitsland

Duitslandnieuws