Waarom Duitse steden met interesse kijken naar e-bussen in Nederland

Duitse steden willen de uitstoot van verkeer terugdringen om de lucht schoner te krijgen en zo dieselrijverboden te voorkomen. De manier waarop Nederlandse gemeenten overstappen op e-bussen kan hen veel kosten besparen.

In 2030 moet al het openbaar busvervoer in Nederland emissieloos zijn. Een overgroot deel van deze bussen wordt elektrisch, een trend waar diverse Nederlandse fabrikanten en gemeenten op aan het inspelen zijn. De manier waarop Nederlandse steden e-bussen implementeren, wordt interessant voor gemeenten in Duitsland, vertelt Chief International Operations Baerte de Brey van ELaadNL, het kennis- en innovatiecentrum van de gezamenlijke energiebedrijven in Nederland.

De uitdagingen die ontstaan bij deze omschakeling, levert Nederland uiteindelijk veel kennis op. Een van de problemen waar steden nu bijvoorbeeld tegenaan lopen, is dat het lastig te voorspellen is hoeveel laadlocaties moeten worden aangelegd. Netbeheerder Stedin liet daarom een onderzoek uitvoeren door adviesbureau PwC om in kaart te brengen wat er allemaal op gemeenten afkomt. “We willen zo vroeg als mogelijk aan tafel bij provincies en gemeenten om knelpunten en hoge kosten te voorkomen.”

Voor de laadpunten van bussen moet de netbeheerder zware stroomkabels aanleggen: een flinke investering van maatschappelijk geld, vertelt De Brey. “Daarom is het belangrijk dat er een goede voorspelling is van hoeveel bussen er de komende jaren op de laadlocaties komen laden en hoeveel vermogen hiervoor nodig is. Zo kan de benodigde capaciteit door ons in één keer goed worden aangelegd.”

Maatschappelijke kosten bij omschakeling naar e-bussen voorkomen

PwC concludeert dat dit nu nog onvoldoende gebeurt. “Dit kan betekenen dat de grond toch meerdere malen open moet om zwaardere kabels aan te leggen, met als gevolg extra maatschappelijke kosten en overlast door extra werkzaamheden.” Het rapport is inmiddels aan de Tweede Kamer aangeboden, maar De Brey wil met dit verhaal ook naar Duitsland. “Ik kan me goed voorstellen dat dit probleem ook in Duitsland speelt. Graag delen we die kennis delen, dat is een mooie manier om Nederlandse bedrijven te positioneren in Duitsland.”

Anders dan bij personenauto’s is het standaardiseren van elektrisch laden van e-bussen nog niet geregeld. Busfabrikanten moeten hiermee haast maken, zeggen de onderzoekers. “Er rijden nu nog verschillende merken en typen e-bussen rond die ieder weer hun eigen oplaadpunt nodig hebben. Zo zijn er bussen met een pantograaf op het dak; andere bussen maken gebruik van een laadpaal met geïntegreerde pantograaf. Weer andere bussen worden met speciale stekkers opgeladen. In de praktijk betekent dit dat een netbeheerder extra elektriciteitsaansluitingen (en dus extra kosten) moet maken, hierdoor lopen de maatschappelijk kosten voor de laadinfra op.”

Nederlandse e-bus fabrikanten doen al zaken in Duitsland

Dat in Duitsland de trend rondom busvervoer wordt opgepikt, is te zien op de nieuwe beurs Bus2Bus in Berlijn. De tweede editie vindt plaats op 19-21 maart.

E-bus-pionier Ebusco ontwikkelt nieuwe bussen samen met de stad München:

Podcast – Toen Ebusco met e-bussen begon werden deze Nederlanders in Duitsland voor gek verklaard

VDL heeft al e-bussen rijden in onder meer Münster:

Podcast – Hoe fabrikant VDL serieuze stappen zet met elektrische bussen in Duitsland

Duitse fabrikanten zijn nog maar net begonnen met het ontwikkelen van e-bussen

Waarom Duitsland niet echt ‘voorsprong door techniek’ heeft met de e-bus

ELaadNL

Kennis- en innovatiecentrum ElaadNL onderzoekt en test de mogelijkheden voor Smart Charging: elektrische auto’s betrouwbaar, betaalbaar en duurzaam opladen.