Welke valkuilen er zijn bij het gebruiken van subsidies voor je startup in Berlijn

Founders van een startup kunnen in het begin elke euro goed gebruiken. Subsidies klinken dan aanlokkelijk, maar hebben ook grote nadelen, vertelt de ervaren startupondernemer Jan Mechtel uit Berlijn.

Een startup in Berlijn, dat klinkt vaak een stuk romantischer dan het in werkelijkheid is. Founder Jan Mechtel van softwarestartup Veodin kan uit eigen ervaring vertellen hoe hard hij heeft moeten ploeteren, voordat hij een exit kon maken. Afgelopen jaar werd zijn bedrijf overgenomen door een Deense aanbieder. Hij vertelt over de voor- en nadelen van het aanvragen van subsidies.

Veodin verkoopt een tool voor PowerPoint die bedoeld is om presentaties te verbeteren – bijvoorbeeld dubbele spaties en scheve beelden vinden of een bibliotheek van grafische sjablonen ter beschikking stellen. De Deense aanbieder Templafy zag daar toekomst in, en kocht de Berlijnse bedrijfssoftware afgelopen zomer.

Het verhaal van Veodin begon al in 2011. Mechtel ontving 350.000 euro van High-Tech Gründerfonds en Business Angel Michael Brehm voor zijn eerste idee van een productiviteitstool genaamd KeyRocket. “Al snel waren we met 15 mensen en het was erg leuk, maar het ging niet door het plafond”, zegt hij tegen het blog Gründerszene. De verkoop van de tool werkte slechts voor één doelgroep: consultants. Het bedrijf kromp daarop tot vijf medewerkers en ontwikkelde een nieuwe tool: software die presentaties controleert op fouten. Veodin krijgt hiervoor geld van een Zwitserse business angel die 250.000 euro in de start-up steekt.

Startupwereld is geen idyllisch Instagram-plaatje

“Toen kwamen er twee moeilijke jaren waarin we ons bleven afvragen of er echt een markt was voor ons product”, zegt Mechtel. Het duurde zeven jaar voordat het product paste, vertelt hij aan het blog, “Het echte startupleven ziet er anders dan uit dan bij Instagram, het is niet altijd geweldig. Voor succes was het niet alleen noodzakelijk om het businessmodel te veranderen, maar gaat vooral om veel doorzettingsvermogen.”

Hierbij maakte hij gebruik van diverse subsidies, vertelt Mechtel aan Duitslandnieuws. “We deden mee aan het Exist-programma, de coaching bonus van de IBB en de Designtransferbonus voor mkb’ers om een designer te kunnen betalen.” Het voordeel van deze financiële steun is dat hij zich professionele partners veroorloven kon, zegt hij. “Het nadeel is dat het toepassen hiervan complex kan zijn, net als de hele administratie erom heen. Bovendien weet je niet van tevoren of je er goede resultaten mee boekt.”

Subsidies aantrekkelijk, maar hebben ook nadelen

Daarom moet je als founder altijd vooraf inschatten of een subsidie het bedrijf echt verder helpt, zegt hij. “Heeft het een kans van slagen, of kan je je tijd en energie beter investeren in klanten of in het zoeken van investeerders?” Het hielp Mechtel het meeste om direct open kaart te spelen met de instanties die het geld ter beschikking stellen. “Door eerlijk te zijn, kom je er het beste achter of het gaat werken.”

Subsidies lijken vooral in het begin erg aantrekkelijk. “Maar als je andere bronnen van inkomsten hebt, ga dan eerst daarvoor.” Je moet het alleen doen als je iemand hebt die er administratief voor kan en wil zorgen, vertelt hij. “Het EXIST-programma is een positieve uitzondering, maar ook hier moet je een ‘Plan B’ hebben.”

Jan Mechtel bij Sirius Minds

Deze maand was CEO Jan Mechtel van Templafy een van de sprekers tijdens het Exist programma bij Sirius Minds in Berlijn. Derk Marseille interviewt hem met startende founders over ondernemerschap.

 

Sirius Minds

Sirius Minds in Berlijn adviseert al meer dan 10 jaar startups en gevestigde bedrijven over de ontwikkeling van innovatieve verdienmodellen. Als partner van de universiteit van Oldenburg voert Sirius Minds het programma 'EXIST - Existenzgründungen aus der Wissenschaft' voor het Duitse ministerie van Economische Zaken uit.